Is er reclame op deze site? Klik dan hier

Sommige documenten zijn PDF documenten. Hiervoor heeft u het gratis
programma Acrobat Reader nodig. Klik hier voor de link



Archief

Overblijven op school (geschiedenis + huidige wetgeving)

Toekomst van het overblijven

Artikel over de toekomst

Organisatie van het overblijven
Met artikelen over ouderparticipatie, continuerooster,
een overblijfkrant, een informatiefolder en een verslag
van een werkgroep voor het overblijven
.

Enkele aandachtspunten van het overblijven en een info-avond hierover

Reglementen

1. Overblijfreglement van de St. Jozefschool te Aalsmeer
2. Overblijfregelgeving van de St. Jozefschool te Blokker
3. Overblijfreglement van de basisschool De Mei te Wormerveer
4. Overblijfreglement basisschool de Golfbreker te Zaandam
5. Overblijfreglement Gevers Deutz Terwee
6. Overblijfreglement van de basisschool Elckerlyc in Roelofarendsveen
7. Overblijfreglement van de Waterwilg te Nootdorp
8. Overblijfregelgeving van de Achthoek te Amsterdam
9. Overblijfreglement van de basisschool De Verburch-hof te Poeldijk
10.Kwaliteitseisen bij de tussenschoolse opvang (verslag)
11.Een  verslag van een overblijfbijeenkomst op de basisschool de Oosterhoogebrug in Groningen( verslag)
12.Wat wordt er verwacht van een coordinator in de tussenschoolse opvang ?(verslag)

Verslagen

1. Verslag van een cursusbijeenkomst met de overblijfkrachten van de basisschool 'de Kubus' te Amersfoort
2. Verslag overblijfoverleg met de overblijfouders van de basisschool 'De Achthoek'
3. Informatie-avond over overblijven op basisschool Andreashof te Kwintsheul
4. Verslag bijeenkomst ouderraden en coordinatoren voor het overblijven van zeven basisscholen in de Veenplas

Artikelen

1. De functie van het overblijven

Jaarverslag

Jaarverslag werkgroep overblijfvoorziening van de basisschool de Duif in Diemen

Brieven over de vrijwilligersvergoeding

Brief aan de staatssecretaris over de vrijwilligersvergoeding 26 januari 2006

Brief van de staatstssecretaris over de vrijwilligersvergoeding 27 maart 2006


 

4. Jaarverslag werkgroep overblijfvoorziening van de basisschool De Duif in Diemen. (1998-1999)

Voorgeschiedenis

De afgelopen jaren is het aantal kinderen, dat gebruik maakt van de overblijf gestaag toegenomen. Met de toename van het aantal kinderen werd een aantal zaken problematisch. De aula werd bijvoorbeeld te klein om alle kinderen in op te vangen. Het overzicht over de kleuters en kinderen uit de middenbouw ging verloren. Er was een tekort aan vrijwillige overblijfkrachten.
In 1997 werd voor het eerst gesproken over de nijpende situatie rondom de overblijf. De vorige overblijfcoordinator hield na de kerstvakantie van het schooljaar 1997/1998 op met haar coördinatiewerkzaamheden. Er waren geen gegadigden om die coördinatietaken over te nemen. Deze taken werden uiteindelijk door mevr E.N., leerkracht van basisschool De Duif, opgepakt.

In 1998 is onder haar leiding in samenwerking met de Werkgroep overblijfvoorziening, een adviesorgaan dat het bestuur adviseert, een aanvang gemaakt met het verbeteren van de kwaliteit van de overblijfvoorziening op De Duif. Op de volgende pagina’s wordt geschetst, op welke manier aan het verhogen van de kwaliteit van de overblijfvoorziening is gewerkt in de afgelopen periode.


Ontwikkelingen 1997

Nadat de vorige overblijfcoördinator eind 1997 haar werkzaamheden had neergelegd, werden die overgenomen door mevr E.N., een van de leerkrachten van de school. De werkgroep Overblijforganisatie bestond in eerste instantie uit een aantal ouders die de overblijfomstandigheden op school wilde verbeteren en was geïnitieerd door de Medezeggenschapsraad.
In 1998 ging de Werkgroep overblijfvoorziening officieel van start als adviesorgaan van het Bestuur om zorg te dragen voor het verhogen van de kwaliteit van het overblijven.
In het eerste jaar heeft vooral veel overleg plaats gehad met de penningmeester van het bestuur van De Duif en met de directeur. Het jaar 1998-1999 was een pilot-jaar voor de overblijfvoorziening in de nieuwe vorm.
Een belangrijk gespreksonderwerp in deze periode was de eindverantwoordelijkheid voor de overblijfvoorziening. De Werkgroep overblijfvoorziening wilde voor de start van het pilotjaar 1998-1999 duidelijkheid hierover. Ouders waren en zijn nog vaak ten onrechte in de veronderstelling dat de overblijfvoorziening vanzelfsprekend onderdeel uitmaakt van de school. De school is echter wettelijk verplicht leerlingen in de gelegenheid te stellen over te blijven, de organisatie kan en mag echter uitbesteed worden aan bijvoorbeeld de ouders. Na enige tijd kwam de Werkgroep overblijfvoorziening hier achter. De eindverantwoordelijkheid voor de gang van zaken tijdens het overblijven blijkt wel bij het bestuur van de school te liggen.

De doelstelling die de werkgroep en de overblijfcoördinator voor ogen staat met het formaliseren van de overblijfvoorziening is: het structuren van het overblijven opvang en mede daardoor het verhogen van de kwaliteit van de opvang.
Aan deze doelstelling is als volgt vorm en inhoud gegeven:
De Werkgroep overblijfvoorziening heeft een huishoudelijk reglement vastgesteld, waarin de verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de diverse partijen vastliggen. Het huishoudelijk reglement is voor goedkeuring voorgelegd aan het bestuur en de MR van basisschool De Duif.
Naast het huishoudelijk reglement zijn de volgende:

  • hulpmiddelen ontwikkeld:
  • het Aanmeldingsformulier overblijven;
  • het Aanvraagformulier incidenteel overblijven:
  • een lnformatiebulletin overblijfvoorziening basisschool De Duif (september 1998).
Met het informatiebulletin worden de ouders geïnformeerd over de overblijfvoorziening op de Duif.
Om de kwaliteit van de overblijfvoorziening te verhogen is in augustus-september 1998 een aanvang gemaakt met de nieuwe werkwijze. De administratie werd professioneler en mevr M.M. werd aangesteld als administratief medewerker. De nieuwe professionelere werkwijze houdt bovendien in dat alle ouders die gebruik willen maken van het overblijven aanmeldingsformulieren hebben ingevuld, waarop zij algemene gegevens met betrekking tot hun kind(eren) ingevuld hebben. Dit aanmeldingsformulier is het contract tussen ouders en overblijfvoorziening. In principe worden alle betalingen via een automatische incasso afgehandeld. In de voorliggende periode werd met strippenkaarten gewerkt, die contant betaald werden, met alle risico’s van dien. In de overgangsperiode van september tot oktober 1998 konden de oude strippenkaarten nog worden gebruikt.
Met ingang van 1 oktober 1998 waren die niet meer geldig en werd uitsluitend met de nieuwe contracten gewerkt.
In de periode oktober-december 1998 hebben alle ouders vervolgens het tegoed op hun strippenkaarten retour ontvangen.
Om de kwaliteit van het overblijven te kunnen waarborgen is een aantal afspraken gemaakt:
  • het aantal medewerkers is uitgebreid.;
  • per 13 kinderen is er één medewerker aanwezig;

De medewerkers van de overblijfvoorziening hebben van de heer Ed van Veen begeleider van overblijfouders, een algemene cursus gekregen over de invulling van hun taak als medewerker overblijfvoorziening; de cursus bestond uit drie bijeenkomsten. De deelneemsters kregen na afloop een certificaat.
Na afloop van de cursus is in vier vergaderingen de organisatorische kant van de overblijfvoorziening aan de orde geweest.

De kwaliteit van de opvang is door de medewerksters onder andere ook verhoogd door:

  • nieuw spelmateriaal aan te schaffen;
  • het creëren van vaste overblijfruimtes in de aula en in één van de klaslokalen voor midden en bovenbouw;
  • een vaste overblijfgelegenheid voor de leerlingen van de onderbouw in de Houtduif;
  • de jongere kinderen krijgen hierdoor meer rust en worden niet onder de voet gelopen door de oudere kinderen;
  • het gezamenlijk eten aan tafels;
  • het bieden van structuur en rust.

Niet alle oplossingen en verbeteringen zijn echter structureel. Na de kerstvakantie kampte de school met ruimtegebrek De overblijfvoorziening kon daardoor geen gebruik meer maken van de aula, omdat er een klas in kwam. Voor dergelijke situaties zijn noodscenario’s gebruikt.

De overblijforganisatie had in het schooljaar 1998-1999 ongeveer 15 medewerkers. De medewerkers doen hun uiterste best om de kinderen tussen de middag optimaal op te vangen. Een blijk van waardering is daarom van belang. Naast de genoemde cursus-activiteiten werden ook sociale activiteiten georganiseerd, zoals een attentie met de Kerst en gezamenlijk uit eten gaan.
Een aandachtspunt blijft het werven van medewerkers voor de overblijfvoorziening.
Het aantal kinderen groeit en enkele medewerkers vinden een andere baan, gaan een opleiding volgen of vertrekken.

De Werkgroep overblijfvoorziening is in het pilotjaar maandelijks bijeen geweest. De verslagen van deze bijeenkomsten worden opgehangen in het hoofdgebouw en in de Houtduif.

Vooruitblik.

In het afgelopen 1,5 jaar is door de overblijfcoördinator in samenwerking met de medewerkers en anderen hard gewerkt om een goed draaiende overblijfvoorziening te ontwikkelen, waarbij de aandacht voor de kinderen voorop staat.
Na het pilot-jaar zal de Werkgroep overblijfvoorziening in samenwerking met de overblijfcoördinator naast de organisatorische kant van de overblijfvoorziening meer aandacht besteden aan verdere professionalisering van het overblijven. Het op peil houden en verder ontwikkelen van de kwaliteit van de overblijfvoorziening zal in het schooljaar 1999-2000 prioriteit hebben.

De professionalisering van de overblijfvoorziening is op de goede weg. Knelpunten en dergelijke worden vooralsnog inventief aangepakt en opgelost. Maar ook tijdens het schooljaar 1999- 2000 zullen nog de nodige werkzaamheden moeten worden verzet.
Ouders en andere belanghebbenden worden via de verslagen van de werkgroep en berichten in de Nieuwsbrief geïnformeerd.

De werkgroep overblijfvoorziening De Duif.

Enkele aandachtspunten

1. Wie is er verantwoordelijk voor het overblijven?
· Ouderraad
· Directie
· een groep ouders

2. Zijn er veel kinderen die overblijven? · 0-10
· 10% van de schoolbevolking
· 25% van de schoolbevolking
· 50% van de schoolbevolking

3. Waar blijven de kinderen over?
· aula
· eigen lokaal
· buurthuis

4. Wat is de taak van de overblijfkracht?

5. Is er een overblijfreglement? Wat is daarin geregeld?
· afspraken ten aanzien van het eten
· afspraken ten aanzien van gedragsregels
· meenemen snoep en speelgoed
· overblijfbijdrage

6. Hoe hoog is de overblijfbijdrage per dag?
· wie heeft de hoogte bepaald van deze bijdrage?

7. Wie beheert de financiën?
· bestuur
· directeur of een leerkracht
· medezeggenschapsraad
· ouderraad
· een ouder

8. Hoe hoog is de onkostenvergoeding voor de overblijfkrachten?

9. Hoe is het contact met directie en leerkrachten bij probleemsituaties?
· gedragsproblemen
· eetproblemen
· financiële problemen

10. Is er met de overblijfkracht een overeenkomst gesloten?
· hoe lang?

11. Kunt u omschrijven aan welke voorwaarden voldaan moet worden om het overblijven goed te laten functioneren?


INFO-AVOND over overblijven te Opmeer op 14 december 1999

Aanwezigen: overblijfouders van de basisscholen De Caegh te Obdam, St Jozefschool te Blokker en het Ruimteschip te Opmeer.

Na een hartelijk welkom aan iedereen begint dhr. Van Veen de avond met een korte inleiding en enige algemene informatie omtrent het overblijven op school.
Daarna stelt hij voor om a.h.v. een stencil met aandachtspunten het overblijven aan de orde stellen, ervan uitgaande dat de avond zo zeker gevuld zal worden.

Inleiding

Het aantal overblijvende kinderen is de laatste tijd reeds gegroeid en zal de komende tijd eveneens groeiende zijn. Een gegeven waar serieus en goed om mee moet worden gegaan. Goede en duidelijke afspraken, een overblijfreglement, overblijfouders voor vol aanzien zijn enkele aandachtspunten om dit systeem in goede banen te kunnen blijven leiden.

De school is verplicht een ruimte beschikbaar te stellen.

Het schoolbestuur is juridisch verantwoordelijk voor het overblijven. Daarnaast dient zij zorg te dragen voor een WA—verzekering voor de overblijfouders en- kinderen tijdens de overblijfactiviteit.

Voor de uitvoering van het overblijven zijn de ouders verantwoordelijk. Het advies voor een overblijfgroep luidt: één ouder op 13 kinderen.

Hieronder volgt een korte weergave van ingebrachte punten a.h.v. het stencil:

Taak overblijfkracht kracht

  • namen registreren en sluitend maken (ziek, nablijven)

  • huisregels voor kinderen

  • taken, verplichtingen voor overblijfkrachten

  • stuk betrokkenheid bij kinderen, sfeer scheppen

  • gesprekken met ouders

  • contract (elk jaar om tafel voor het verhogen van kwaliteit, wat wordt er van je verwacht en de mogelijkheid om het contract niet te verlengen)

  • als groep ouders elkaar ondersteuning bieden, ervaringen uitwisselen, open staan en opbouwend werken

Overblijfreglement

  • van groot belang om zo optimaal mogelijk te draaien

  • afspraken t.a.v. bijv. eten, gedragsregels, overblijfbijdrage, meenemen snoep en speelgoed

  • regels van school respecteren

Financiën

  • oudergeleding MR heeft instemmingsrecht bij het vaststellen van de overblijfbijdrage en de besteding van de gelden

  • kascontrole door bijv OR—lid, bij grotere bedragen meer keer per jaar en controle op bankinkomsten

  • bedrag over, dan besteden en geen potjes sparen

  • de bijdrage is over het algemeen rond de f 2,00 / 2,50 per dag per kind

  • een ouder mag volgens de belasting voor deze activiteit max. f 1700,00 per jaar als onkostenvergoeding ontvangen.

Contact directie en leerkrachten

  • ondersteuning is noodzakelijk en zal de kwaliteit kunnen verhogen

  • registreren van probleemgedrag/ beter aantoonbaar, hulpmiddel bij het verwoorden

  • bij meerdere overblijfouders is een werkgroep van bijv. coördinator overblijfouders, OR—lid en teamlid een brug naar het team, de directie

Enkele voorwaarden

  • goed aannamebeleid (wie komt er de school binnen)

  • regels van school kennen, binding met school

  • ondersteuning van team en directie waar dat nodig is

  • scholing

  • samenwerken/regelmatig contact met elkaar

  • overzichtelijke sfeervolle overblijfruimte

  • goed inwerken (bijv. bij de jongste groep)

  • scheiding in groep bij grote aantallen (ook qua ruimte)

  • zie elkaar voor vol aan

Tips bij het zoeken naar overblijfkrachten

  • meedraaien

  • mensen persoonlijk benaderen

  • laat weten wat er verwacht wordt

Bij deze wordt Dhr. Ed van Veen hartelijk bedankt voor zijn komst en bijdrage aan deze avond!

Verslag gemaakt door een van de aanwezige ouders.


Overblijf reglement St. Jozefschool Aalsmeer

Artikel l: Begrippen

Ouders: De ouders, voogden en verzorgers van de leerlingen.
Leerlingen: De leerlingen die aan de school zijn ingeschreven.
Oudervereniging: Vereniging van ouders met kinderen op school.
Overblijfwerkgroep: Een door het bestuur van de oudervereniging ingestelde werkgroep met afgevaardigden uit OC, MR en Team, die belast is met en verantwoordelijk is voor het goede verloop van het overblijven
Overblijfcoördinator: Een door de overblijfwerkgroep aangestelde persoon die speciaal belast is met en verantwoordelijk is voor het goede verloop van het overblijven.
WBO: De Wet op het Basisonderwijs.
Bevoegd gezag: Het bestuur van de school.
Huishoudelijk reglement: Reglement waarin de dagelijkse gang van zaken tijdens het overblijven, alsmede afspraken beschreven zijn.

Artikel 2: Het bevoegd gezag

  1. Het bevoegd gezag stelt leerlingen in de gelegenheid onder toezicht de middagpauze in het schoolgebouw en op het terrein van de school door te brengen.
  2. Indien leerlingen van de mogelijkheid bedoeld in lid a. gebruik maken, draagt het bevoegd gezag zorg voor een verzekering tegen wettelijke aansprakelijkheid, voor zowel de kinderen als voor diegenen die belast zijn met het toezicht.

Artikel 3: Taken bestuur van de oudervereniging.

  1. Het bestuur van de oudervereniging is verantwoordelijk voor de uitvoering van de overblijfgelegenheid
  2. Het bestuur van de oudervereniging kan een overblijfcoördinator met de uitvoering van een aantal aspecten van het overblijven belasten, dan wel hiervoor een overblijfwerkgroep instellen.
  3. De overblijfwerkgroep heeft tot taak:

  4. Overblijfkrachten aan te nemen.
  5. De overblijfcoördinator te steunen bij het uitvoeren van haar taken.
  6. De ouders van nieuwe leerlingen aan het begin van het schooljaar te informeren over de overblijfregeling waaronder de hoogt en bestemming van de ontvangen middelen). Dit wordt vermeld in het "Bewaar oudernieuws".
  7. De begroting voor het overblijven en het financiële overzicht van de werkelijk gemaakte kosten van een afgelopen periode voor te leggen aan de oudervereniging.
  8. De ouderbijdrage per kind vast te stellen.
  9. Een huishoudelijk reglement op te stellen.
  10. De overblijfkrachten in de gelegenheid te stellen om scholing te volgen.

Artikel 4: Bevoegdheden overblijfwerkgroep.

De overblijfwerkgroep is bevoegd:
  1. Overblijfkrachten aan te stellen, dan wel te ontheffen van hun taak.
  2. De hoogte van de onkostenvergoeding van de overblijfkrachten vast te stellen.
  3. Over te gaan tot het aanschaffen van duurzame gebruiksvoorwerpen, ten behoeve van de overblijfvoorziening.
  4. In overleg met het bevoegd gezag leerlingen de toegang tot de overblijfvoorziening tijdelijk te weigeren. De ouders worden vooraf schriftelijk en gemotiveerd op de hoogte gesteld van deze beslissing. Voorafgaand aan de beslissing zal met de ouders en de overblijfkrachten overleg worden gepleegd.
  5. Met het bevoegd gezag overleg te voeren over het overblijven op school.

Artikel 5: Taken overblijfcoördinator.

De overblijfcoördinator wordt door de overblijfwerkgroep aangewezen en heeft tot taak:
  1. Het bijhouden van de administratie en de financiën.
  2. Het maken van een overblijf rooster.
  3. Het contact onderhouden met de overblijfkrachten.
  4. Het eens in de twee maanden overleggen met de overblijfkrachten.
  5. De overblijfwerkgroep een in de twee maanden te rapporteren over de gang van zaken met betrekking tot het overblijven.
  6. Het opstellen van een begroting.
  7. Voorstellen doen aan de Overblijfwerkgroep met betrekking tot het aannemen van overblijfkrachten dan wel liet ontheffen uit een functie.

Artikel 6: Bevoegdheden overblijfcoördinator.

    De overblijfcoördinator is bevoegd:
  1. Tot het doen van aankopen van gebruiksmateriaal tot een bedrag van f 100,00 per maand. Voor uitgaven van meer dan f 100,00 is toestemming van de Overblijfwerkgroep nodig.
  2. Tot het doen van voorstellen inzake het overblijven aan de Overblijfwerkgroep
  3. Leerkrachten te informeren over het gedrag van de leerlingen, dat een belemmering vormt bij de gewenste uitvoering van de overblijfvoorziening.
  4. De Overblijfwerkgroep voor te stellen een leerling (tijdelijk) niet meer toe te laten tot de overblijfvoorziening op grond van het onder 6c of 8e genoemde.

Artikel 7: Taken van de overblijfkracht.

De overblijfkracht heeft tot voornaamste taken:
  1. Het registeren van de leerlingen.
  2. Het bijhouden van de betalingen.
  3. Het toezicht houden tijdens het overblijven.
  4. Het begeleiden van de leerlingen tijdens het overblijven.
  5. Het eens in de twee maanden overleggen met de andere overblijfkrachten en de coördinator.
  6. Een uitgebreide taakomschrijving is beschreven in de overeenkomst overblijfkracht.

Artikel 8: Inschrijving.

  1. Op vastgestelde tijdstippen kunnen ouders middels een inschrijfformulier hun kinderen aanmelden voor het overblijven.
  2. Gelijktijdig met het overhandigen van het inschrijfformulier kunnen de ouders een strippenkaart of abonnement aanschaffen.
  3. Wanneer er nog twee strippen resteren krijgen de ouders via hun kind een brief thuis met de mededeling dat de kaart bijna is verbruikt.
  4. Op vastgestelde tijden kan bij de coördinator een nieuwe strippenkaart gekocht worden.
  5. Wanneer een kind een betalingsachterstand heeft van meer dan vijf maal overblijven kan de toegang worden geweigerd.

Artikel 9: Kosten.

  1. De kosten van het overblijven worden doorberekend aan de ouders van de kinderen die overblijven.
  2. De kosten worden vastgelegd in een jaarlijkse begroting, die door de coördinator en de Overblijfwerkgroep wordt opgesteld. Deze wordt samen met een overzicht ter goedkeuring voorgelegd aan de oudervereniging.

Artikel 10: Slotbepalingen.

  1. Bij een geschil over de aanstelling van de overblijfkrachten of de toepassing van dit reglement wordt het betreffende geschil door of de overblijfkracht, of een lid van het bestuur van de oudervereniging, of de overblijfcoördinator of eventueel een ouder voorgelegd aan een geschillencommissie.
  2. De geschillencommissie heeft een onafhankelijk voorzitter, die me instemming van beide partijen wordt gekozen.
  3. Naast een voorzitter heeft een geschillencommissie nog tweeleden.
  4. Een lid wordt aangewezen door de oudergeleding van de MR en een lid wordt aangewezen door het bevoegd gezag.
  5. De geschillencommissie wordt voor ieder geschil opnieuw aangewezen.
  6. De geschillencommissie bepaalt haar eigen werkwijze.
  7. De uitspraak van de geschillencommissie is bindend voor beide partijen.


Overblijfregelgeving van de St. Jozefschool te Blokker

Artikel 1 : Begrippen
Ouders: De ouders, voogden en verzorgers van de leerlingen
Leerlingen: De leerlingen die aan de school zijn ingeschreven
Oudervereniging: Vereniging van ouders met kinderen op de school
Overblijfwerkgroep: Een door het schoolbestuur van de oudervereniging aangestelde commissie aangevuld met een teamlid, die belast is met en verantwoordelijk is voor het goede verloop van het overblijven
Overblijfcoördinator: Een door de werkgroep aangestelde ouder die als coordinator fungeert van de overblijfkrachten en contact onderhoud met docenten en oudervereniging
WBO: de wet op het basisonderwijs
Bevoegd gezag: het bestuur van de school
Huishoudelijk reglement: Reglement waarin de dagelijkse gang van zaken tijdens het overblijven alsmede afspraken beschreven zijn.

Artikel 2 : Het bevoegd gezag

  1. Het bevoegd gezag stelt leerlingen in de gelegenheid onder toezicht de middagpauze in het schoolgebouw en op het terrein van de school door te brengen.
  2. Indien leerlingen van de mogelijkheid bedoeld in lid a. gebruik maken, draagt het bevoegd gezag zorg voor een verzekering tegen wettelijke aansprakelijkheid, voor zowel de kinderen als voor diegenen die belast zijn met het toezicht.

Artikel 3 : Bevoegdheden bestuur van de oudervereniging.

Het bestuur van de oudervereniging is bevoegd:

  1. het bestuur van de oudervereniging is verantwoordelijk voor de uitvoering van de overblijfgelegenheid
  2. overblijfkrachten aan te stellen, dan wel te ontheffen van hun taak
  3. de hoogte van de onkostenvergoeding van de overblijfkrachten vast te stellen
  4. over te gaan tot het aanschaffen van duurzame gebruiksvoorwerpen, waaronder spelmaterialen en het doen van andere investeringen ten behoeve van de overblijfvoorziening
  5. in overleg met bevoegd gezag leerlingen de toegang tot de overblijfvoorziening tijdelijk te weigeren. De ouders worden vooraf schriftelijk en gemotiveerd op de hoogte gesteld van deze beslissing. Voorafgaand aan de beslissing zal met de ouders en overblijfkrachten overleg worden gepleegd.
  6. met het bevoegd gezag overleg te voeren over het overblijven op school.

Artikel 4 : Taken bestuur van de oudervereniging

  1. het bestuur van de oudervereniging heeft 2 overblijfcoordinatoren belast met een aantal aspecten van het overblijven;
  2. overblijfkrachten aan te nemen ;
  3. de ouders van nieuwe leerlingen aan het begin van het schooljaar te informeren over de overblijfregeling (waaronder de hoogte en bestemming van de ontvangen middelen);
  4. de begroting voor het overblijven en het financiële overzicht van de werkelijk gemaakte kosten van een afgelopen periode voor te leggen aan de oudervereniging ;
  5. de ouderbijdrage per kind vast te stellen ;
  6. een huishoudelijk reglement op te stellen ;
  7. de overblijfkrachten in de gelegenheid te stellen om scholing te volgen.

Artikel 5 : Bevoegdheden overblijfcoördinator

De overblijfcoördinator is bevoegd:

  1. tot het doen van aankopen van gebruiksmateriaal tot een bedrag van 100 gulden per maand. Voor uitgaven van meer dan 100 gulden is toestemming van het bestuur van de oudervereniging nodig ;
  2. tot het doen van voorstellen inzake het overblijven aan het bestuur van de oudervereniging
  3. leerlingen, ouders en leerkrachten te informeren over het gedrag van de leerlingen, dat een belemmering vormt bij de gewenste uitvoering van de overblijfvoorziening ;
  4. het bestuur van de oudervereniging voor te stellen een leerling (tijdelijk) niet meer toe te laten tot de overblijf voorziening op grond van het onder 6C genoemde.

Artikel 6 : Taken overblijfcoördinator(en)

De overblijfcoördinator wordt door de werkgroep aangewezen en heeft tot taak

  1. het contact onderhouden met de overblijfkrachten
  2. het eens in de twee maanden overleggen met de overblijfkrachten ;
  3. het bestuur van de oudervereniging eens in de twee maanden te rapporteren over de gang van zaken met betrekking tot het overblijven ;
  4. het opstellen van een begroting ;
  5. voorstellen te doen aan het bestuur van de oudervereniging met betrekking tot het aannemen van overblijfkrachten, dan wel het ontheffen uit een functie ;
  6. in de praktijk zijn deze taken over twee personen verdeeld, te weten, een aparte coördinator voor de financiën (taak d.).

Artikel 7 : Bevoegdheden van de overblijfkracht

De overblijfkracht is bevoegd:

  1. klein materiaal aan te schaffen ;
  2. voorstellen te doen tot de aankoop van gebruiksmateriaal, bij een bedrag tot 100 gulden in overleg met de overblijfcoördinator, bij uitgaven hoger dan 100 gulden is toestemming van de oudervereniging noodzakelijk ;
  3. de overblijfcoördinator tijdig te informeren over het gedrag van leerlingen dat een belemmering vormt bij de gewenste uitvoering van de overblijfvoorziening ;
  4. de overblijfcoördinator in te schakelen bij banaliteiten, onenigheden of conflicten.

Artikel 8 : Taken van een overblijfkracht

De overblijfkracht heeft tot taak:

  1. het registreren van de leerlingen ;
  2. het innen van het geld en het bijhouden van de administratie
  3. het toezicht houden tijdens het overblijven ;
  4. het begeleiden van de leerlingen tijdens het overblijven ; e. het eens in de twee maanden overleggen met de andere overblijfkrachten en de overblijfcoôrdinator
  5. het maken van een overblijfrooster ;
  6. het tijdig informeren van de overblijfcoördinator bij banaliteiten, conflicten, ongewenst gedrag van leerlingen. Deze taken zullen over alle overblijfkrachten rouleren.

Artikel 9 : Inschrijving

  1. Op vastgestelde tijdstippen kunnen ouders middels een inschrijfformulier hun kinderen aanmelden voor het overblijven.
  2. Gelijktijdig met het overhandigen van het inschrijfformulier kunnen de ouders een strippenkaart aanschaffen
  3. Wanneer de strippenkaart bijna vol is krijgen de ouders via hun kind een brief thuis met de mededeling dat de kaart bijna is verbruikt
  4. Wanneer ouders een serieuze betalingsachterstand hebben, dit ter beoordeling van de werkgroep overblijven, wordt de overblijfcoördinator geïnformeerd.

Artikel 10 : Kosten

De kosten van de overblijf worden doorberekend aan de ouders van de kinderen die overblijven. De kosten worden vastgelegd in een jaarlijkse begroting, die door de coördinator financiën wordt opgesteld. Deze wordt samen met een overzicht ter goedkeuring voorgelegd aan de oudervereniging.

Artikel 11 : Slotbepalingen

  1. Bij een geschil over aanstelling van de overblijfkrachten of de toepassing van dit reglement wordt het betreffende geschil door of de overblijfkracht, of een lid van het bestuur van de oudervereniging of eventueel door een ouder voorgelegd aan een geschillencommissie
  2. De geschillencommissie heeft een onafhankelijke voorzitter, die met instemming van beide partijen wordt gekozen ;
  3. naast een voorzitter heeft de geschillencommissie nog twee leden. Een lid wordt aangewezen door de oudergeleding van de medezeggenschapsraad en een lid wordt aangewezen door het bevoegd gezag ;
  4. De geschillencommissie wordt voor ieder geschil opnieuw aangewezen ;
  5. De geschillencommissie bepaalt haar eigen werkwijze ;
  6. De uitspraak van de geschillencommissie is bindend voor beide partijen ;
  7. Concrete uitwerkingen worden vastgelegd in het huishoudelijk reglement.

Artikel : 12

Dit reglement is goedgekeurd door de oudergeleding van de medezeggenschapsraad en is geldig voor een periode van vier jaar. Tussentijdse wijzigingen kunnen worden aangebracht na instemming van de oudergeleding van de medezeggenschapsraad.

Hoorn, november 1998.

 


 

ALGEMENE REGELS OVERBLIJVEN.

Openbare basisschool De Mei te Wormerveer
(dit reglement is voor basisscholen met een beperkt aantal overblijvers)

Nieuwe vaste overblijfkinderen inschrijven d.m.v. een formulier te verkrijgen bij de overblijfmoeders. Kinderen die af en toe overblijven één dag van te voren opgeven bij de overblijfmoeder tussen de middag in het overblijflokaal.

Bonnen zijn te koop op maandagochtend van 8.15 uur - 8.30 uur in de hal van beide scholen à f 2.50 per stuk.

De kinderen nemen zelf brood en drinken en eventueel fruit mee. Dit lunchpakket kan 's morgens om 8.30 uur in de gele krat bij de koelkast (kist) gedaan worden. Eén van de overblijfmoeders of de conciërge zet de krat in de koeling.

Overblijven vindt plaats op de Voltastraat in het lokaal naast de lerarenkamer aan het schoolplein, op de Wandelweg in het kleuterlokaal.

Als kinderen genoteerd staan op een dag om over te blijven en zij zijn niet aanwezig, dan informeren wij bij de leerkracht en mochten zij niet ziek zijn, dan bellen wij naar huis of naar het contactadres. Daarom altijd even doorgeven als vast opgegeven kinderen niet komen overblijven (bij de overblijfmoeder). Bij voldoende kinderen ± 10 of meer zijn er twee overblijfmoeders (daarom altijd uw kind opgeven !). Er is normaal gesproken een vast rooster met iedere dag dezelfde ouders, bij ziekte of andere zaken wordt er onderling geruild.
Alle kinderen gaan voor het eten ±10 minuten naar buiten. Eén overblijfmoeder is dan ook buiten, de andere overblijfmoeder (indien aanwezig) dekt binnen de tafels met placemats en borden. Als de kinderen binnenkomen zoeken zij een plekje (na toiletbezoek en handen wassen) en leveren ze de bonnen in. De kinderen blijven zoveel mogelijk 15 à 20 minuten zitten eten. Daarna ruimen we alles op en kunnen de kinderen binnen spelletjes doen, tekenen, knutselen, etc. Zodra er kinderen buiten spelen gaat er één overblijfmoeder mee naar buiten, één overblijfmoeder blijft binnen in het overblijflokaal.

Als er één overblijfmoeder aanwezig is zijn alle kinderen gezamenlijk binnen of buiten .

Om 12.50 uur gaan alle kinderen even naar buiten om een frisse neus te halen. Als kinderen van groep 8 van hun ouders van het schoolplein af mogen, willen we daar schriftelijke toestemming voor hebben. Deze kinderen moeten dit ook altijd even aan ons doorgeven.

Om het overblijven gezellig te laten verlopen, hebben we regels, net als op school en thuis. Mocht een kind zich meerdere malen niet aan de regels houden, dan nemen we contact op met de ouders. Mocht hierna geen verandering optreden dan zijn wij genoodzaakt uw kind bij het overblijven te weigeren.


CONCEPT

Overblijfreglement basisschool de Golfbreker te Zaandam

 

Het huishoudelijk reglement T.S.O. (overblijven)

De kinderen blijven over op een locatie buiten de school. Deze locatie ( De Vuister)wordt o.a. gebruikt voor de voor –en naschoolse opvang en is gelegen op een korte loopafstand van beide scholen 

 

1. Personeel

 

Medewerkers:    

Voor T.S.O. dagen (maandag,dinsdag,donderdag, vrijdag) is er vaste bezetting van een aantal ouders gebaseerd op een maximale groepsgrootte van 12 kinderen. De werktijd is van 11.45 tot 14.00 uur; De locatie is de Vuister. De medewerkers ontvangen een vergoeding. Zij zijn zelf verantwoordelijk voor het eventueel opgeven van deze inkomsten aan de belasting.

Coördinatrices:

Zij vormen de dagelijkse leiding en hebben specifieke taken. Op de dinsdag en de donderdag ( de twee drukste dagen) is minimaal één coördinatrice vrij geroosterd.

T. S. O. commissie:

Deze commissie bestaat uit de coördinatrices ( dagelijkse leiding) entwee vertegenwoordigers uit de M.R. van de Watermolen en de Golfbreker. De beide directeuren kunnen betrokken worden voor advies. De commissie is verantwoordelijk voor de organisatie, de financiën en het beheer van de T. S. O.

 

a. De taken van de TSO‑ medewerkers zijn:

 

  • De dagelijkse verzorging en opvang van de overblijvende kinderen op verantwoorde wijze.
  • Opgave van de kinderen welk incidenteel overblijven
  • Dagelijks opruimen en schoonhouden van de gebruikte ruimten
  • 2 x per jaar grote schoonmaak
  • Dagelijks bijhouden van de namenlijsten van de aanwezige kinderen
  • Aanwezig zijn bij het tweemaandelijks werkoverleg van de T.S.O.
  • Bij ziekte of andere onvermijdelijke afwezigheid zo spoedig mogelijk berichten aan de coördinatrices,zodat vervanging op tijd geregeld kan worden.
  • In dien de medewerker de werkovereenkomst wil beëindigen, zo spoedig mogelijk en tenminste vier weken van te voren berichten aan de coördinatrices i.v.m. het regelen van vervanging op termijn.

 

b. De taken van de T.S.O. coördinatrices:

 

 De dagelijkse leiding

 Het regelen van de aan ‑ en afinelding van de kinderen

 Beheer financiën:                               financieel overzicht

                                                           inning en administratie van de ouderbijdragen

                                                           vergoeding medewerkers

‑ Inzet en vervanging medewerkers

‑Beëindiging van de overeenkomst met een medewerker in overleg met de TSO­commissie, die de medewerker daarvan zo spoedig mogelijk en tenminste vier    weken van tevoren schriftelijk en met opgave van reden inlicht.

‑ Informatie verstrekking aan alle betrokken partijen

‑ Inspraak/ klachtenbehandeling in overleg met de TSO commissie

‑ Beheer inventaris, materialen en ruimtes, waaronder:

‑ bijhouden van voorraden
‑ bij schade contact leggen met betrokken instanties

‑ Administratie van bijzonderheden kinderen en doorgeven aan medewerkers 

‑ Zorgdragen voor overlegsituaties met medewerkers

‑ Contact onderhouden met directies van de beide scholen

‑ Regelmatig contact onderhouden binnen de T.S.O.- commissie, ook middels notulen uit overlegsituaties met medewerkers of directies.

 

3. Financiën

 

De ouderbijdrage is door de T.S.O. commissie vastgesteld op € 2,00 per kind per keer. De

inning van deze ouderbijdrage gaat via een strippenkaartsysteem.

Ouders kunnen kiezen uit 3 typen strippenkaarten nl.:

             ‑ 4 strippen voor             € 7,00

             ‑ 8 strippen voor             € 14,00

             ‑ 16 strippen voor           € 28,00

 

De strippenkaarten zijn strikt persoonlijk, dus één kaart per kind. De strippenkaarten blijven in het bezit van T.S.O.. Ouders/Verzorgers krijgen een briefje via hun kind(eren) wanneer de kaart bijna vol is en er een nieuwe kaart moet worden gekocht.

 

De kinderen kunnen in de Vuister bij de coördinatrices nieuwe strippenkaarten kopen aan het begin van de overblijf. De ouders kunnen de kaarten tussen 13.30 en 14.00 kopen. De T.S.O. krachten ontvangen per gewerkte dag een vergoeding van € 17,00 en de leiding € 18,00. De medewerkers zijn zelf verantwoordelijk voor het eventueel opgeven van deze inkomsten aan de belastingdienst.

 

4. Aan‑ en afmelding

 

Alle T.S.O. ouders kringen aan het eind van elk schooljaar een folder en een aanmeldingsformulier waarop zij kunnen aangeven op welke dag(en) zij hun kind(eren) volgend schooljaar over kunnen laten blijven. Aanmelding van kinderen die niet op vaste dagen komen moeten telefonisch gebeuren. De betreffende coördinatrice is hiervoor op zondag, maandag, woensdag en donderdag tussen 20.00 ‑ 21.00 bereikbaar. De afmelding van zieke kinderen verloopt via de scholen. Als er niet wordt afgemeld zullen de T.S.O. kosten in rekening worden gebracht d.m.v. het strippenkaart af te stempelen. Ouders die hun kinderen in de loop van het schooljaar willen aanmelden voor overblijven op vaste dagen moeten daarvoor een aanmeldingsformulier invullen.


5. Inspraak

 

Ouders en leerkrachten kunnen via hun contactpersoon in de T.S.O. commissie gehoord worden. Wanneer een ouder of leerkracht aanwezig wil zijn bij een vergadering van de T.S.O. commissie dan is dit mogelijk. De T.S.O. commissie zal bij schriftelijke vragen en/of klachten deze persoonlijk een schriftelijke reactie terug doen toekomen. Wanneer de T.S.O. commissie eventuele conflicten niet kan oplossen vindt er overleg plaats met de directie van de school. Ouders zullen via de schoolkrant en/of infobulletins op de hoogte worden gehouden van eventuele ontwikkelingen/ veranderingen bij T.S.O. voorziening.

_________________________________________________________________________________________:

 

Het huishoudelijk reglement is goedgekeurd door de medezeggenschapsraden van  beide scholen.

___________________________________________________________________________________________

Hierbij verklaart onderstaande medewerker/ coördinatrice te handelen naar het huishoudelijk reglement:

 

Naam en handtekening: _________________________                        datum:________________________

 

Vaste werkdagen zijn:                O                                             maandag                        O                         dinsdag

 

                                                 O                                              donderdag                     O                        vrijdag

_______________________________________________________________________________________

 


Overblijf reglement Gevers Deutz Terwee

(openbare basisschool te Oegstgeest)

1           Artikel I: Begrippen

Ouders: De ouders, voogden en verzorgers van de leerlingen.

Leerlingen: De leerlingen die aan de school zijn ingeschreven.

V.v.O.: Vereniging van ouders met kinderen op school.

Overblijfcommissie: Een door het bestuur van de V.v.O. ingestelde werkgroep, bestaande uit ouders, die belast is met en verantwoordelijk is voor het goede verloop van het overblijven.

Overblijfcoördinator(en) Een door de overblijfcommissie aangestelde persoon die speciaalbelast is met en verantwoordelijk is voor het goede verloop van het overblijven.

WBO: De Wet op het Basisonderwijs.

Bevoegd gezag: Het bestuur van de school.

Huishoudelijk reglement: Reglement waarin de dagelijkse gang van zaken tijdens het overblijven, alsmede afspraken beschreven zijn.

2.             Artikel 2: Het bevoegd gezag

a. Het bevoegd gezag stelt leerlingen in de gelegenheid onder toezicht de middagpauze in het schoolgebouw en op het terrein van de school door te brengen.

b. Indien leerlingen van de mogelijkheid bedoeld in lid a. gebruik maken, draagt het bevoegd gezag zorg voor een verzekering tegen wettelijke aansprakelijkheid, voor zowel de kinderen als voor diegenen die belast zijn met het toezicht.

3             Artikel 3: Taken bestuur van de Overblijfcommissie

a.. De Overblijfcommissie is verantwoordelijk voor de uitvoering van de overblijfgelegenheid

b. De Overblijfcommissie kan een of meer Overblijfcoördinatoren met de uitvoering van een aantal aspecten van het overblijven belasten



De overblijfcommissie heeft tot taak:

c. Overblijfkrachten aan te nemen.

d. De Overblijfcoordinatoren te steunen bij het uitvoeren van haar taken.

e. De ouders van nieuwe leerlingen aan het begin van het schooljaar te informeren over de overblijfregeling waaronder de hoogte van de overblijfbijdrage

f. De begroting voor het overblijven en het financiële overzicht van de werkelijk gemaakte kosten van een afgelopen periode voor te leggen aan de jaarvergadering V.v.O.

g. De ouderbijdrage per kind vast te stellen voor zowel vast als incidenteel overblijven.

h. Een huishoudelijk reglement op te stellen.

i. De Overblijfkrachten in de gelegenheid te stellen om scholing te volgen.


4           Artikel 4: Bevoegdheden overblijfcommissie.

De overblijfcommissie is bevoegd:

a. Overblijfkrachten aan te stellen, dan wel te ontheffen van hun taak.

b. De hoogte van de onkostenvergoeding van de Overblijfkrachten vast te stellen.

c. Over te gaan tot het aanschaffen van duurzame gebruiksvoorwerpen, ten behoeve van de overblijfvoorziening.

d. In overleg met het bevoegd gezag en de Overblijfcoördinatoren leerlingen de toegang tot de overblijfvoorziening tijdelijk te weigeren. De ouders worden vooraf schriftelijk en gemotiveerd op de hoogte gesteld van deze beslissing. Voorafgaand aan de beslissing zal met de ouders en de Overblijfkrachten overleg worden gepleegd.

e. Met het bevoegd gezag overleg te voeren over het overblijven op school.

5           Artikel 5: Taken Overblijfcoórdinator(en).

 De Overblijfcoordinatoren(en) wordt door de overblijfcommissie aangewezen en heeft tot taak:

a. Controle op de administratie en de financiën.

b. Het maken van een overblijf rooster.

c. Contactpersoon te zijn naar de Overblijfkrachten.

d. Regelmatig overleg te plegen met de Overblijfkrachten.

e. De overblijfcommissie eens in de twee maanden te rapporteren over de gang van zaken met betrekking tot het overblijven.

f. Voorstellen doen aan de Overblijfcommissie met betrekking tot het aannemen van Overblijfkrachten dan wel het ontheffen uit een functie.

6             Artikel 6: Bevoegdheden Overblijfcoördinator.

De Overblijfcoördinator is bevoegd:

a. Tot het doen van aankopen van gebruiksmateriaal tot een bedrag van 50 euro per maand. Voor uitgaven van meer dan 50 euro is toestemming van de overblijfcommissie nodig.

b. Tot het doen van voorstellen inzake het overblijven aan de Overblijfcommissie.

c. Leerkrachten, ouders en leerlingen te informeren over het gedrag van de leerlingen, dat een belemmering vormt bij de gewenste uitvoering van de overblijfvoorziening.

d. De Overblijfcommissie voor te stellen een leerling (tijdelijk) niet meer toe te laten tot de overblijfvoorziening op grond van het onder 6c of 8b genoemde.


7           Artikel 7: Taken van de Overblijfkracht.

De Overblijfkracht heeft tot voornaamste taken:

a. Om 11.30 het speelgoed klaarzetten voor het begin van het overblijven en de kleurplaten nakijken. Ook de stoelen en tafels op hun plaats zetten.

b. Het registeren van de leerlingen.

c. Het aftekenen van de kaarten in geval van incidenteel overblijven.

d. Het toezicht houden tijdens het overblijven.

e. Het begeleiden van de leerlingen tijdens het overblijven.

f. Het netjes achterlaten van het klaslokaal na de lunch.

g. Samen met de leerlingen het speelgoed aan het einde van het overblijven opruimen.

h. De aula opruimen en schoonmaken.

i. Het eens in de twee maanden overleggen met de andere Overblijfkrachten en de coördinator.

j. Het tijdig informeren van de Overblijfcoördinator bij banaliteiten, conflicten, ongewenst gedrag van leerlingen.

8             Artikel 8 : Bevoegdheden van de Overblijfkracht

De Overblijfkracht is bevoegd:

a. Voorstellen te doen tot de aankoop van gebruiksmateriaal, bij een bedrag tot 50 euro in overleg met de Overblijfcoördinator, bij uitgaven hoger dan 100 gulden is toestemming van de V.v.O. noodzakelijk;

b. De Overblijfcoördinator tijdig te informeren over het gedrag van leerlingen dat een belemmering vormt bij de gewenste uitvoering van de overblijfvoorziening;

c. De Overblijfcoördinator in te schakelen bij banaliteiten, onenigheden of conflicten.

 


 

REGLEMENT OVERBLIJVEN van de basisschool Elckerlyc in Roelofarendsveen

(Speciaal voor die basisscholen die een kleine groep overblijfkinderen hebben.)
  1. Het overblijven wordt georganiseerd door de overblijfwerkgroep, die bestaat uit 4 leden te weten: 2 teamleden en 2 ouderleden. Een ouderlid regelt de financiën. De overblijfwerkgroep voorzien in z'n eigen opvolging.
  2. De overblijfwerkgroep vergadert minimaal 4 maal per jaar, waarvan minstens 3 maal met de overblijfkrachten.
  3. Van de vergaderingen worden notulen gemaakt. Deze gaan naar de overblijfwerkgroep, de overblijfkrachten en een in het archief van de school.
  4. Eenmaal per jaar brengt de overblijfwerkgroep een jaarverslag uit en een financieel verslag. De penningmeester geeft ieder jaar in oktober alle stukken ter inzage aan de overblijfwerkgroep.
  5. De overblijfwerkgroep geeft regelmatig informatie naar de ouders via de nieuwsbrief en jaarlijks via de kalender.
  6. De overblijfkrachten werken van 11.45 - 13.15 u.
  7. De uitbetaling aan de overblijfkrachten vindt aan het begin van iedere maand plaats. De overblijfwerkgroep bepaalt de hoogte van de vergoeding aan de overblijfkrachten en de administratieve kracht .
  8. De overblijfwerkgroep bepaalt de hoogte van de financiële bijdrage van de kinderen De vaste overblijvers ontvangen aan het begin van de nieuwe maand een acceptgiro voor de afgelopen maand. Incidentele overblijvers nemen een envelop mee naar school met daarin het geld en hun naam, groepsnummer en datum van overblijven erop. Deze enveloppen worden door een speciale ophaaldienst o. 1. v. een van de teamleden van de overblijfcommissie voor de pauze opgehaald. Dit gebeurt daags vooraf (m.u.v. de woensdag). Wanneer vaste overblijvers op een andere dag dan de vaste dag overblijven, hoeven zij slechts een briefje met naam,groepsnummer en datum van overblijven mee te nemen. Wanneer een vaste overblijver niet overblijft, moet hij/zij ook een briefje meenemen. Bij in gebreke blijven volgt gewoon betaling. Ook bij terugtrekking voor overblijven op de dag zelf blijft de betaling doorgaan. Officieel als zieke gemelde kinderen behoeven niet te betalen.
  9. Een overblijfkracht tekent bij benoeming een overeenkomst tussen de overblijfkracht en de overblijfwerkgroep.
  10. Bij opzegging van de overeenkomst wordt door beide partijen een fatsoensnorm gehanteerd van een maand opzegtermijn.
  11. Het aanmelden van vaste overblijvers gebeurt door middel van een inschrijfformulier, dit is verkrijgbaar bij de overblijfkrachten.
  12. Van de bijdrage aan het overblijven gaat per kind per keer een kleine vergoeding naar school voor het gebruik van ruimte en materialen.
  13. Het overblijven vindt plaats in de daartoe aangewezen ruimten van de school.
  14. Bij geschillen over het overblijven beslist uiteindelijk de overblijfwerkgroep.
  15. Taken van de overblijfkrachten:
    • Op alle daartoe bestemde schooldagen wordt de overblijfkracht geacht toe te zien op het eten en recreëren van de schoolkinderen die overblijven (tussen 12.00 en 13.00 u.).
    • Om 11.45 u. klaarzetten van meubilair en tafels dekken. Bijhouden van de administratie (inclusief het geld van de incidentele overblijvers).
    • 12.00 u. opvang van de kinderen. Presentielijst aftekenen en eten.
    • Bij droog weer kunnen de kinderen na het eten naar buiten onder toezicht. De groepen 4 t/m 8 naar het grote plein en de kleuters naar het kleuterplein. De kinderen van groep 3 kunnen kiezen naar welk plein ze willen. Er wordt alleen gebruik gemaakt van de uitgang bij groep 5. De toiletten worden alleen gebruikt bij groep 5.
  16. Bij afwezigheid van een van de vaste krachten komt er een invalkracht. In principe wordt er niet geruild.
    • Minder dan 36 kinderen: 2 overblijfkrachten.
    • Meer dan 35 kinderen: 3 overblijfkrachten.
    • Meer dan 50 kinderen: 4 overblijfkrachten.
    • Meer dan 65 kinderen: 5 overblijfkrachten.
  17. Aan de hand van de opgestelde regels, die zowel bij de overblijfwerkgroep als de overblijfkrachten bekend zijn (zie bijlage), wordt er gehandeld.
  18. Bij ziekte van een overblijfkracht zorgt deze zelf voor een vervanger volgens het rooster. Anders wordt contact opgenomen met een lid van de overblijfwerkgroep.
  19. Bij ongeregeldheden of conflicten treedt de overblijfkracht in contact met de daartoe aangewezen leden van de overblijfwerkgroep (indien nodig wordt contact opgenomen met de ouders van het betreffende kind).
  20. Procedure bij herhaalde ongeregeldheden: Nadat het kind meerdere keren mondeling is gecorrigeerd (zonder resultaat), kan er een schriftelijke waarschuwing aan de ouders gestuurd worden. Een exemplaar dient ondertekend retour te gaan naar de overblijfwerkgroep. Mocht dit niet het gewenste resultaat opleveren, dan zal er een schorsing voor bepaalde tijd gaan plaatsvinden, welke in tweevoud, ondertekend, retour overblijfwerkgroep dient te gaan.
  21. Er is een ongevallen- en WA verzekering voor elk van de overblijfwerkkrachten gesloten.
  22. De school kan niet beschikken over het saldo van de overblijfwerkgroep. Besteding van de gelden gebeurt in overleg met de overblijfwerkgroep.
  23. Uitgaven door de overblijfkrachten worden altijd in overleg met de overblijfwerkgroep gedaan.
  24. Ieder jaar in oktober vindt kascontrole plaats door 2 leden van de overblijfwerkgroep en een ouder van de kascommissie van de Ouderraad.
BIJLAGE 1

AFSPRAKEN TIJDENS HET OVERBLIJVEN

  1. Tijdens namen lezen even stil zijn (mogen wel eten).
  2. Er mag pas worden gegeten, wanneer een van de overblijfkrachten dit heeft gezegd.
  3. Tijdens het eten moeten de kinderen blijven zitten.
  4. Niet rennen of lopen over het toneel. Rustig een boekje lezen is wel toegestaan,.
  5. Tikkertje en verstoppertje zijn spelletjes voor buiten, dus niet binnen.
  6. Buiten spelen op het kleuterplein mogen alleen de kinderen uit de kleutergroepen en groep 3. De kinderen van groep 3 mogen zelf kiezen of ze op het kleuterplein of op het grote plein willen spelen. Heen en weer lopen mag niet. Ze moeten dus blijven op het plein waar ze voor gekozen hebben.
  7. Wanneer de kinderen kiezen voor buiten spelen, dan moeten ze ook buiten blijven (niet bij regen natuurlijk).
  8. Kinderen die afgewassen hebben mogen een sticker uitzoeken. Kinderen die voor straf moeten afwassen krijgen geen sticker.
  9. Altijd eerst vragen of iemand vrijwillig wil afwassen. Is dat niet het geval dan iemand aanwijzen. Afdrogen doen de overblijfkrachten zelf.
  10. Geen balspelen buiten (behalve met de ballen van schuimplastic en basketballen).
  11. Brood wat niet opgegeten wordt weer meenemen naar huis.
  12. Kinderen uit de kleutergroepen en groep 3 mogen ook in de blokkenhoek spelen (max. 6 kinderen).
  13. Tijdens het overblijven alleen de toiletten in de gemeenschapsruimte gebruiken.
  14. Na het eten blijven de kinderen in de gemeenschapsruimte of gaan ze naar buiten.
  15. Niet spelen in de gang of in de klassen. Behalve: de kinderen die in. de blokkenhoek mogen spelen.
  16. Geen snoep tijdens het overblijven.
  17. Tijdens het eten niet naar het toilet.

TERUG


Huisregels en Overblijfregels van de basisschool De Waterwilg te Nootdorp

(CONCEPT-REGLEMENT)

Schooljaar 2000-2001

Geachte ouders,

Door middel van dit boekje willen wij u informeren over de gang van zaken bij de overblijf. Het is wel handig als u dit boekje bewaart zodat u het nog eens kunt raadplegen, u heeft hier alle informatie bij elkaar. Tussentijdse mededelingen doen wij zonodig via de nieuwsbrief. Verder kunt u met uw vragen terecht bij de coördinatoren en de contactpersoon van de ouderraad.

De coördinatoren en contactpersoon zijn:
Mevr. E.H groepen 4 en 4-5 in de dependance
Mevr. A.D groepen 1-2 en 3 in het hoofdgebouw (Kievitsbloem)
Mevr. T.A. contactpersoon van de ouderraad

Huisregels bij het overblijven op de Waterwilg

1. Overblijftijden

    De overblijftijd is voor de overblijfgroep 4 en 4-5 aan de Sportparkweg 6 van 12.00 uur tot 13.25 uur en wordt als volgt onderverdeeld:
    12.00-12.30 uur verzamelen bij het overblijflokaal en samen eten
    12.30-13.25 uur binnen of buiten spelen (op de speelplaats met de blokken of op de velden van R.K. Deo)
    13.25 uur de kinderen van de groepen 4 en 4-5 gaan naar het eigen lokaal, waar de leerkracht de verantwoording overneemt.

    De overblijftijd is voor de overblijfgroep aan de Kievitsbloem van 11.45 uur tot 13.10 uur en wordt als volgt onderverdeeld:
    11.45-12.15 uur verzamelen bij het overblijflokaal en samen eten
    12.15-13.10 uur binnen of buiten spelen
    13.10 uur de kinderen gaan naar het eigen lokaal, waar de leerkracht de verantwoording overneemt.

2. Huisregels tijdens het eten

  1. Voordat er met de maaltijd begonnen wordt, gaan de kinderen eerst naar het toilet en wassen hun handen.
  2. De kinderen wachten op elkaar met het beginnen met eten.
  3. De kinderen gaan niet eerder van tafel dan dat het sein door de overblijfouders gegeven wordt.
  4. Als de kinderen klaar zijn met eten, ruimen ze op.
  5. De normale regels van thuis, aangaande het netjes eten e.d., gelden ook op school
  6. Etenswaren worden alleen aan tafel gegeten.
  7. Het drinken dient in een beker aangevoerd te worden (geen pakjes s.v.p.)

3. Huisregels na het eten

  1. Bij normaal weer gaan de kinderen bij voorkeur buiten spelen. Zij zitten immers al de gehele dag binnen.
  2. Bij slecht of heel koud weer kunnen de kinderen binnen een spelletje doen of t.v. kijken.
  3. Bij het binnen spelen gelden de normale schoolregels:
    • Er wordt gebruik gemaakt van speciale overblijfspelletjes.
    • Andere spullen dan van de overblijfgroep worden niet gebruikt.
    • Rennen en schreeuwen wordt niet toegestaan.
    • Er wordt alleen gebruik gemaakt van de normale tafels en stoelen; elk kind zit aan een tafel.
  4. Speciaal t.a.v. groepen 1-3 geldt:
    Bij heel slecht weer kan er onder toezicht gebruik gemaakt worden van de speelzaal. Hier gelden ook de normale regels t.a.v. het gebruik (schoenen uit e.d.). 3.5 Bij het buiten spelen gelden de normale schoolregels:
    De overblijfkinderen maken gebruik van het speciale buitenspelmateriaal van de overblijfgroep. De kinderen spelen op de speelplaats en niet in de bosjes.

4. Toezicht

  1. Bij iedere groep overblijvers zijn er minimaal twee overblijfouders aanwezig. Bij de dependance is er één overblijfouder die in geval van nood een van de leerkrachten kan inschakelen.
  2. Als er overblijfkinderen buiten spelen, is hierbij in ieder geval één overblijfouder aanwezig.
  3. Als er overblijfkinderen binnen aanwezig zijn, is hierbij in ieder geval één overblijfouder aanwezig.
  4. De overblijfouders dragen zorg voor het netjes achterlaten van het lokaal.

5. Contact overblijfouder-leerkracht

  1. In de groepen 1-2 hangen de ouders de naam van het kind in de hal of gang op en noteren de leerkrachten op de overblijfklassenlijst welke kinderen die dag overblijven.
    Als uw kind elke week een (of meerdere) vaste dag(en) komt overblijven, verzoeken wij u dit in het begin van het schooljaar door te geven aan de overblijfcoördinator (daarna voor groep 1-2 alsnog de naam van het kind in de gang hangen).
  2. De leerkrachten van de groepen 3, 4 en 5 inventariseren aan het begin van de ochtend wie er die dag overblijven en noteren dit op de overblijfklassenlijst. Deze lijst gaat mee naar de overblijf.
  3. De leerkrachten van de groepen 3, 4 en 5 dragen er zorg voor dat de kinderen zo spoedig mogelijk na het beëindigen van het ochtendprogramma (en na aanvang van de overblijf) in het overblijflokaal aanwezig zijn, zodat er gezamenlijk gegeten kan worden.
  4. In geval van ziekte e.d. van een kind neemt de overblijfouder direct contact op met de betreffende leerkracht en indien deze niet te bereiken is met de directie.

6. Opmerkingen

  1. Verlies, beschadiging of vermissing van het door een kind meegebrachte speelgoed is voor eigen risico. Het meebrengen van speelgoed wordt afgeraden.
  2. Aan het begin van het schooljaar worden alle ouders d.m.v. het boekje Huisregels en Overblijfregeling van de Waterwilg" op de hoogte gesteld van de gang van zaken bij het overblijven en de hieraan verbonden kosten.
  3. Wijzigingen die gedurende het schooljaar worden aangebracht aan de "Huisregels bij overblijven Waterwilg" worden medegedeeld via de nieuwsbrief.

7. Verzoek aan de ouders

  1. Brood meegeven in een broodtrommel; i.v.m. het milieu verzoeken wij het drinken alleen in bekers mee te geven. Ook geschilde appels e.d. graag in een trommeltje i.p.v. een plastic zakje.
  2. (Brood)trommels, bekers en tas voorzien van naam.
  3. GEEN KOOLZUURHOUDENDE DRANKEN MEEGEVEN. Alléén "gezonde koeken en niet teveel snoep.
  4. Ook vaste overblijvers niet vergeten af te melden bij de coördinator/leerkracht.
  5. Er is genoeg speelgoed aanwezig. A.u.b. geen eigen speelgoed meenemen.
  6. De aanwijzingen voor de kinderen even met ze doornemen.
  7. Bij ziekte van een vaste overblijfouder is het altijd makkelijk om een grote reservegroep te hebben. Mocht u incidenteel beschikbaar zijn dan kunt u zich opgeven bij A.D. (Kievitsbloem) of E.H (Dependance).
  8. Ideeën zijn altijd welkom.
  9. Bij problemen kunt u altijd contact met ons opnemen.

8. Aanwijzingen voor de kinderen

  1. Tussen de middag tas met broodtrommel en beker meenemen naar de overblijf.
  2. Bij het binnenkomen even zeggen dat je er bent.
  3. Voor het eten allemaal eerst plassen en handen wassen.
  4. Allemaal aan een eigen tafel eten. We wachten op elkaar en eten gezamenlijk.
  5. Eerst al je brood en eventueel fruit opeten en daarna pas een eventuele snoepjes of koeken beginnen.
  6. Na het eten niet op de gangen rennen of in de lokalen spelen.
  7. Na het eten je tas bij je eigen lokaal ophangen dus niet op de grond gooien.
  8. Buitenspelen doen we op het plein voor de overblijf, je mag niet van het plein af.
  9. Bij het buitenspelen gebruiken we alleen het speelgoed van de overblijf, we blijven dus van de karren en het speelgoed van de school af.
  10. Goed luisteren naar de aanwijzingen of opmerkingen van de overblijfouders.
  11. Na het gebruik het speelgoed weer opruimen en terug zetten in de berging (buiten) of in de kast (binnen).
  12. Doe je best om een gezellige overblijver te zijn.

OVERBLIJFREGELING DE WATERWILG (bestemd voor alle overblijfouders)

1. Algemeen

  1. Deze regeling bepaalt de gang van zaken met betrekking tot het overblijven van leerlingen in de middagpauze.
  2. Deze regeling is opgesteld door de groep Overblijfouders van de school in overleg met de ouderraad en de directie. Iedere wijziging of aanvulling behoeft instemming van de ouderraad, de directie en de groep overblijfouders.
  3. De ouders/verzorgers van de kinderen die van de overblijfregeling gebruik maken dienen de regels hiervan en de daarvan afgeleide huisregels te respecteren.
  4. Voor het gebruik van de overblijfgelegenheid dient door ouders/verzorgers een vergoeding betaald te worden, de zgn. overblijfkosten. De betaling per overblijfgroep dient apart te gebeuren. Kinderen van de dienstdoende overblijfouders worden voor het betalen van overblijfkosten vrijgesteld.

2.Overblijfouders

  1. Tijdens het overblijven wordt er toezicht gehouden door overblijfouders. Van de overblijfouders wordt verwacht dat ze op tijd (5 minuten voor aanvang) aanwezig zijn bij het lokaal en pas weggaan als hun taak beëindigd is (als alle overblijvende kinderen weer overgedragen zijn aan toezichthoudende leerkracht(en) en het overblijflokaal is opgeruimd). Als ze niet aanwezig kunnen zijn dan moeten ze dit zo vroeg mogelijk melden bij de betreffende coördinator/leerkracht. Ze moeten in eerste instantie zelf voor vervanging zorgen. Hierbij wordt eerst gekeken of een reserve overblijfouder kan en pas als deze allemaal verhinderd zijn kunnen de overige overblijfouders gevraagd worden voor vervanging.
  2. Taken van de overblijfouder zijn:
    • ophalen en terugbrengen van de kinderen van de groepen 1-2;
    • toezicht houden tijdens het eten en spel;
    • zorgen dat het lokaal netjes achterblijft.
  3. Werving van overblijfouders wordt verzorgd door de coördinator in overleg met de ouderraad.
  4. Naast de vaste overblijfouders wordt er ook een lijst met reserve-ouders opgesteld.
  5. De taak van overblijfouder is men in principe voor onbepaalde tijd aangegaan. Tenminste een maand van tevoren moet de overblijfouder aan de coördinator te kennen geven dat hij/zij wil stoppen met zijn/haar taak.
  6. De taak van coördinator is men in principe voor onbetaalde tijd aangegaan. Tenminste een maand van tevoren moet de coördinator aan de contactpersoon van de ouderraad te kennen geven dat hij/zij wil stoppen met zijn/haar taak.

3. De overblijfcoordinator

  1. Voor elke overblijfgroep is er een overblijfcoördinator.
  2. Elke overblijfcoördinator regelt voor de bijbehorende groep:
    • het opstellen van een werkrooster;
    • het coördineren en bijhouden financiële administratie en het registreren van het aantal overblijvende kinderen;
    • het onderhouden van het contact met de anderen coördinator, de ouderraad, de directie, het schoolteam en de overblijfouders;
    • het beheer van financiën en de uitbetaling van de onkostenvergoeding;
    • de verkoop van knipkaarten en het ontvangen van overblijfgelden;
    • indien nodig, vervanging bij ziekte van een overblijfouder;
    • werving van overblijfouders.

4. Betrokkenheid school

  1. Voor eventuele aansprakelijkheid is een verzekering afgesloten door de school. Een overzicht van de polisvoorwaarden is op verzoek bij de directie verkrijgbaar.
  2. In geval van noodsituaties wordt een beroep gedaan op de directie van de school of op de in school aanwezige leerkrachten.
  3. Als er tijdens het overblijven met één of meer leerlingen problemen ontstaan zal indien nodig de groepsleerkracht gesprekken voeren met de ouders. Levert dit geen oplossing dan zal de schooldirectie hierin bemiddelen en eventueel kunnen besluiten dat de kinderen voor verdere deelname worden uitgesloten.

5. Financiën

  1. Het overblijven dient kostendekkend te worden georganiseerd. De ontvangsten worden gebruikt voor:
    • een vergoeding voor de overblijfouders voor hun vaste en bijkomende taken;
    • aanschaf van spelmaterialen.
  2. Eind van het schooljaar wordt de kas gecontroleerd door de ouderraad. In gezamenlijk overleg wordt bekeken wat er met een eventueel overschot en opgebouwde reserves wordt gedaan.
  3. Bij betalingsproblemen overlegt de coördinator met de directie. De directie neemt dan contact op met de betreffende ouders.

6. Administratie

  1. De groepsleerkrachten dragen zorg voor het invullen van de dagelijkse groepsoverzichten waarop aangegeven wordt welk kind overblijft.
  2. De overblijfouders controleren of de groepsoverzichten van de leerkrachten in overeenstemming zijn met de kinderen die bij de overblijf aanwezig zijn.
  3. De overblijfouders noteren op de knipkaart de datum van het overblijven van de aanwezige leerling.

7. Organisatie

  1. De groep overblijfouders stelt in overleg met de ouderraad en de directie de huisregels vast:
  2. In de huisregels zijn opgenomen:
    • de organisatie van de maaltijd;
    • de overblijftijden;
    • hygiëne;
    • aandacht voor de kinderen;
    • zorg voor spullen in gebruik bij het overblijven; andere zaken nodig voor een goed verloop van het overblijven.
  3. Afwezig zijn van een kind, eerder aangemeld voor het overblijven, wordt door de ouders aan de coördinator/groepsleerkracht gemeld. De overblijfouder meldt zomaar wegblijven van een kind aan de betreffende groepsleerkracht en indien deze niet aanwezig is aan de directie. In gezamenlijk overleg wordt actie ondernomen.

8. Gedragscode

  1. Overblijfouders zijn schaars en moeilijk te vinden. Zij doen dit werk tegen een minimale vergoeding. Om de overblijf goed in de hand te houden zodat het voor zowel de overblijfouder als het kind gezellig is, is het noodzakelijk een aantal gedragsregels te hanteren. Bijvoorbeeld:
    • luisteren naar de overblijfouder
    • niet schreeuwen
    • niet lopen tijdens het eten
    • niet vechten
    • niet met eten gooien
    Een kind wordt hierop aangesproken. Verandert het gedrag niet, dan wordt dit gedrag doorgegeven aan de directie. De directie neemt contact op met de ouders. Wanneer blijkt dat het gedrag tijdens het overblijven niet verandert waardoor bijvoorbeeld andere kinderen er hinder van ondervinden kan besloten worden het kind voor bepaalde tijd niet meer te laten overblijven.

9. Slotbepaling

  1. In zaken waarin "Overblijfregeling Waterwilg"en "Huisregels bij overblijven De Waterwilg" niet voorzien, beslist de coördinator in overleg met de ouderraad en de directie. Wijzigingen die gedurende het schooljaar worden aangebracht aan de "" worden medegedeeld via de Nieuwsbrief.

TERUG


OVERBLIJFREGELGEVING VAN DE ACHTHOEK

1. Wettelijk geregeld

De volgende zaken zijn bij wet geregeld (verkorte weergave):

• De school is verplicht tot het mogelijk maken van een overblijfgelegenheid.

• De kosten van het overblijven komen voor rekening van de ouders /verzorgers die van de overblijfvoorziening gebruik maken.

• Taken met betrekking tot het overblijven behoren niet tot de normale taken van de leerkracht.

• Uitgangspunt is dat er 1 overblijfkracht op maximaal 20 kinderen aanwezig is.

• Het schoolbestuur is juridisch verantwoordelijk.

• De school draagt zorg voor een wettelijk aansprakelijkheidsverzekering van alle betrokkenen (overblijfkrachten en kinderen).

2. Uitgangspunt

Uitgangspunt van de school is dat zij een overblijffaciliteit wil aanbieden die de kinderen de mogelijkheid geeft onder begeleiding te lunchen en daarbij in een andere sfeer dan in de klas te ontspannen.

3. Organisatie en leiding

De ouderraad is belast met de organisatorische en financiële uitvoering van de overblijf en legt hierover verantwoording af aan de medezeggenschapsraad. De ouderraad heeft een overblijfcommissie geformeerd die in samenwerking met de school het overblijven organiseert en ondersteunt. De directie blijft altijd eindverantwoordelijk voor de algemene gang van zaken rond het overblijven.

De overblijfkrachten staan onder (dagelijkse) leiding van een coördinator. Hij /zij draagt zorg voor ziektevervanging, onderhoudt contacten met ouders, leerkrachten en overblijfkrachten, zit vergaderingen voor en is voorzitter van de sollicitatiecommissie

Op elke etage werkt een vrijgeroosterd contactpersoon, één voor de onderbouw en één voor de bovenbouw, die zorgt voor praktische ondersteuning, schoolmelk, bemiddelen bij problemen en overzicht houden tijdens de overblijf. Het streven is er om elke dag twee extra overblijfkrachten te hebben, voor extra toezicht in de klas, extra toezicht op het schoolplein, of voor ziektevervanging. Doorgaans zijn er per klas twee overblijfkrachten die verantwoordelijk zijn voor het overblijven in de klas. De werktijden van de overblijfkrachten zijn behoudens wat uitzonderingen van 11.55 tot 13.00 uur. Een schoonmaakkracht zorgt dagelijks voor het schoonmaken van het sanitair.

Overblijfkrachten maken zich via hun naam en pasfoto op het prikbord van de klas bekend. Zij introduceren zich aan het begin van het schooijaar tijdens de ouderavond.

4. Lunch

In principe is er een 20-20-20 minuten verdeling. Dit betekent dat er 20 minuten wordt gegeten, 20 minuten wordt buiten gespeeld en weer 20 minuten wordt binnen gespeeld. Helaas een gedwongen keuze door de grote hoeveelheid kinderen die overblijven en de beperkte ruimte op de speelpleinen.

Er wordt minimaal 10 minuten aan tafel gezeten en gegeten. De kinderen gaan bij goed weer naar buiten en blijven dan onder toezicht op het schoolterrein. Bij slecht weer worden er binnen activiteiten aangeboden.

5. Algemene regels tijdens het overblijven

• De overblijf vindt doorgaans plaats van 12.00 - 13.00 uur.

• Overblijven vindt plaats in de klas.

• Kinderen eten aan tafel (in ieder geval 10 minuten).

• Kinderen nemen zelf brood en eventueel fruit mee. Voor schoolmelk kan men zich apart opgeven. Ouders maken schriftelijk kenbaar (briefje in de trommel) of hun kind alles op moet eten of niet. Wanneer men advies, instructies of mededelingen aan de overblijf wil doorgeven dan kan dat via het klassenschrift. Overblijfkrachten schrijven hun bevindingen in een eigen overblijfschrift.

• Er mag geen snoep worden meegenomen. Als er wel snoep is wordt dit door de overblijfkrachten in bewaring genomen.

• Eigen speelgoed is toegestaan, maar is voor eigen risico.

• Er word in de klas of buiten gespeeld. Buiten spelen vindt uitsluitend plaats op de terreinen van de school. Er is speciaal speelgoed aanwezig voor de overblijf.

• Tandenpoetsen is mogelijk, maar niet onder toezicht. Ouders moeten dit zelf met hun kind afspreken.

• Kinderen die structureel overblijven, maar af en toe bij een vriendje /vriendinnetje willen lunchen, melden dit aan de overblijfkracht middels een briefje van huis, ondertekend door een ouder.

6. Procedure bij probleemsituaties

Bij conflicten met kinderen wordt als volgt gehandeld:

Stap 1

Overblijfkracht treft zelf een maatregel, gaat zonodig (zelf) met het kind naar de leerkracht. Leerkracht wordt ingelicht en bespreekt storend gedrag met het kind.

Stap 2

Via de leerkracht of schoolleiding wordt de ouder ingeschakeld om tot gedragsverbetering te komen.

Stap 3

Schorsing (= apart eten en geen contact met andere kinderen tijdens overblijven). Dit gebeurt altijd in overleg met de leerkracht/directie.

Stap 4

Verwijdering voor bepaalde tijd, in overleg met de overblijfcommissie en de leerkracht /directie.

Stap 5

Definitieve verwijdering van het overblijven in overleg met de overblijfcommissie en de leerkracht /directie.

De pedagogische verantwoordelijkheid ligt bij de leerkracht van de klas (in geval van ziekte of afwezigheid bij de vervangende leerkracht).

Bij klachten van ouders of leerkrachten over overblijfkrachten of het overblijven.

Stap 1

Ouder of leerkracht neemt contact op met de overblijfkracht om dit te bespreken.

Stap 2

Wanneer dit niet het gewenste resultaat heeft wordt er contact opgenomen met de overblijf coördinatoren om nogmaals samen met de overblijfkracht, de leerkracht en de ouder hierover te spreken.

Stap 3

Wanneer dit geen resultaat heeft zal de overblijfcommissie ingeschakeld worden om de klacht te bespreken en eventueel te bemiddelen.

Bij klachten van overblijfkrachten over ouders.

Wanneer overblijfkrachten serieuze klachten hebben over ouders dan bespreken zij dit eerst met de leerkracht. Die beoordeelt dan of de leerkracht of de overblijfkracht de klacht bespreekt.

7. Aanmelden en opzeggen

Het aanmelden gebeurt door middel van een ingevuld en ondertekend aanmeldingsformulier. Het opzeggen gebeurt ook schriftelijk door de ouder, minstens twee weken van te voren. Bij geen bericht zijn we genoodzaakt een volle maand in rekening te brengen.

8. Kosten

Deze worden per schooijaar vastgesteld. Zie hiervoor de betalingsregeling voor het betreffende schooljaar.

9. Wijze van betalen

Per trimester dient vooruit te worden betaald in verband met de omvangrijke administratie, Hiervoor ontvangt men van onze administrateur een acceptgiro. De mogelijkheid bestaat om per schooljaar in één keer vooruit te betalen. Indien er niet is betaald gaat er een waarschuwing uit. Bij geen respons vervalt de overblijf en kan men geen gebruik meer maken van de overblijf. Uitsluitend bij langer dan twee weken ziek of buitengewoon verlof wordt er een periode terugbetaald.

Bij (zeer) onregelmatig overblijven is de wijze van betalen per knipkaart Knipkaarten kunt u voor (20x f. 2.50) f. 50.-- kopen bij de administratie.

10.Werk van de overblijfkracht

Het werk van de overblijfkrachten wordt beschouwd als een baan waar een financiele vergoeding tegenover staat. Het werk is met regelmaat en verantwoording belast en dus geen onderdeel van de ouderparticipatie op de school.

Profiel

• Hij /zij staat stevig in de schoenen, treed kordaat op en is consequent.

• Kan een rustige, prettige sfeer creeren in de klas.

• Is geduldig met kinderen en kan met groepen overweg.

• Is bereid aan te pakken en ziet zelf het werk.

• Heeft sociale vaardigheden en kan samenwerken.

Taakomschrijving

• Begeleiden van kleuters tijdens de lunch.

• Begeleiden in midden- en bovenbouw en of toezicht houden tijdens de lunch.

• Tafels opruimen, vuilnisbakken legen en vegen in de klas.

• Bij slecht weer binnen activiteiten aanbieden.

• Zorgen voor een prettige en rustige sfeer in de klas.

11. Sollicitaties

In de nieuwsbrief van de Achthoek en op de deuren van de school komt een

aankondiging dat er een vacature is vrijgekomen. Open sollicitaties zijn ook mogelijk. De doelgroep waar we onder werven is breed, vooral ouders maar noodzakelijk is dit niet. Anderen die horen dat er een plek is vrijgekomen kunnen ook solliciteren. We streven naar voldoende invallers.

De sollicitatiecommissie bestaat uit de twee coördinatoren en eventueel de leerkracht. De sollicitatiecommissie stelt de sollicitatieprocedure vast. De opzegtermijn van de overblijfkrachten is 4 weken.

12. Invallers

We streven naar voldoende invallers. Wanneer er een tekort is aan invallers wordt er een oproep gedaan in de nieuwsbrief

13. Cursus

Voor nieuwe overblijfkrachten wordt eenmaal per schooljaar een overblijfcursus georganiseerd waaraan deelname verplicht is.

TERUG


Overblijfreglement van de basisschool De Verburch-hof te Poeldijk

(speciaal voor die basisscholen die een kleine groep overblijfkinderen hebben)

Artikel 1:
Het overblijven vindt plaats in de aula en op de achterspeelplaats en eventueel bij veel kinderen in de klas naast de aula.

Artikel 2:
De tijd van het overblijven is als volgt: Van 12.00 tot 13.15 uur. De maaltijd vindt plaats van 12.15 tot 12.35 uur.

Artikel 3:
De aanmeldingen dienen te geschieden bij de contactpersoon door inlevering van een volledig ingevuld aanmeldingsformulier, te verkrijgen bij de overblijfmoeders.

Losse aanmeldingen telefonisch Is middags tussen 17.00 en 17.30 uur en s morgens tussen 7.45 en8.15 bij mevr L.B.

Artikel 4:
Bij de aanmelding kan gekozen worden tussen een vaste regeling en een incidentele regeling.
Bij niet gebruikmaking van de vaste regeling dient het kind tijdig te worden afgemeld bij de contactpersoon.
Bij gebruikmaking van de incidentele regeling dient het kind tijdig bij de contactpersoon te worden aangemeld.

Artikel 5:
De kosten voor het overblijven zijn F 2,50 per kind per dag.
U kunt ook een 10-rittenkaart aanschaffen de kosten hiervan is F 20,= per kaart.

Artikel 6:
De ouders/verzorgers geven de kinderen brood,melk,fruit en eventueel een snoepje(niet te veel) mee en eventueel tandpasta en een tandenborstel.

Artikel 7:
De toezichthouders (overblijfmoeders) zijn voor het geheel gezamenlijk en voor de eventuele aan hen toevertrouwde groep individueel verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken.

  • Zij voeren een eenvoudige, maar doeltreffende administratie met betrekking tot de deelnemende kinderen en de vergoedingen, waar zij gezamenlijk verantwoordelijk voor zijn.
  • Zij hebben allen direct en onmiddellijk toegang tot de administratieve gegevens.
  • De contactpersoon stelt telkens vooraf een lijst van namen op van kinderen die de eerstvolgende maal zullen overblijven.
  • De kinderen van groep 3 t/m 8 komen naar de aula en de kinderen van groep 1 en 2 worden om 12.00 uur opgehaald door een overblijfmoeder.
  • Zij plaatsen de namen van de aanwezige kinderen op een presentielijst en vergelijken deze met de deelnemerslijst . Bij afwijkingen nemen zij onmiddellijk contact op met de ouders/verzorgers.
  • Zij zien erop toe dat de maaltijd hygiënisch, verantwoord en ordelijk verloopt.
  • Zij zien erop toe dat de kinderen zich op een veilige en verantwoordelijke manier vermaken en geven daarbij zonodig instructies en begeleiding.
  • Zij brengen de kinderen van groep 1 en 2 om 13.15 uur naar hun klas en dragen hen over aan de aanwezige leerkracht.

Artikel 8:
De overblijfmoeders onderhouden goede werkrelaties met de leerkrachten.

Artikel 9:
De overblijfmoeders brengen problemen tijdig ter kennis van de werkgroep.

Artikel 10:
In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet beslist de contactpersoon cq werkgroep.

Artikel 11:
De ouders/verzorgers dienen zelf verantwoordelijk te zijn voor de overblijfkaarten die weer mee naar huis gaan.

Artikel 12:
De aula, speelhok en de speelplaats dienen netjes achtergelaten te worden.

Artikel 13:
De ouderraad blijft ten alle tijden eindverantwoordelijk over het overblijven.

Een verslag van een overblijfbijeenkomst op de basisschool de Kubus in Amersfoort op maandag 23 april 2001 ( het verslag gaat over het eerste gedeelte van de eerste cursusavond voor overblijfkrachten).

Aanwezig zijn zeven overblijfkrachten van de basisschool de Kubus en 7 overblijfkrachten van de basisschool de Drieslag en de heer Ed van Veen

 Kwaliteit

De heer Van Veen geeft aan dat de kwaliteit van het overblijven afhangt van de navolgende punten:

  • De samenwerking tussen de overblijfkrachten; teamvorming.
  • De overblijfkrachten dienen de regels van de school te kennen; de regels die in de klas gelden, gelden óók  tijdens het overblijven. Denk aan de fatsoensregels.
  • Het is bij het regels stellen belangrijk om aan te geven wat wél mag i.p.v. alleen wat niet mag. Positief benaderen dus.
  • Samenwerking met de leerkrachten op basis van gelijkwaardigheid. De leerkracht dient ondersteuning te bieden indien een kind vaak lastig is of onhandelbaar.
  • Regels opstellen voor de overblijfkrachten ;je dient op tijd aanwezig te zijn, fatsoensregels (taalgebruik).
  • Aannamebeleid voor overblijfkrachten: beter geen overblijfkracht dan een slechte.
  • Het imago van de overblijfkrachten is zeer belangrijk.

Doel

Het is raadzaam om als team overblijfkrachten jezelf een doel te stellen hoe je wilt dat het overblijven over een jaar functioneert. Bijvoorbeeld:

  • De administratie moet goed lopen; strippenkaarten is een handig systeem. Je kunt ze als overblijfkracht zelf bijhouden en tijdig een briefje meegeven als een strippenkaart bijna op is.
  • Dat het team een goed beeld heeft van het overblijven.
  • Dat de groep (eventueel) gesplitst wordt. De heer Van Veen is een groot voorstander van gesplitste groepen omdat je de kinderen dan op hun eigen niveau kunt benaderen (bijv. verhaaltje vertellen bij de kleuters). Ook geeft het met het eten een stuk rust als de groepen kleiner zijn.
  • Dat er regelmatig overleg is met het team door een of twee contactpersonen.

Verantwoordelijkheid

Het is belangrijk te weten dat de school juridisch verantwoordelijk is voor de kinderen. Indien overblijfkrachten van een kind niet weten dat het zou overblijven en er gebeurt wat met zo'n kind is dat de verantwoording van de school. De school is hiervoor verzekerd. De ouders dienen aan de school door te geven dat een kind overblijft en de school geeft dit door aan de overblijfkrachten.

 Praktische tips

  • Als alles eenmaal heel goed loopt is het raadzaam om een keer een thema‑avond te organiseren voor de ouders. Die zou kunnen be staan uit een inleidend praatje door de directeur of een teamlid, een praatje door de heer Van Veen over het overblijven (hoe dit landelijk gezien georganiseerd is), een praatje door een lid van de Ouderraad of Medezeggenschapsraad en een praatje van de coördinator of een overblijfkracht. Daarna kun je de ouders de gelegenheid geven om vragen te stellen. In de praktijk blijkt dat hier veel ouders op af komen en dat zich hierdoor ook nieuwe overblijfkrachten aanmelden.
  • Een Overblijfcommissie instellen die bestaat uit een lid van de directie of team, een lid van de MR, een lid van de OR, de coördinator en een overblijfkracht. Deze commissie beslist dan over belangrijke zaken betreffende het overblijven.
  • Instellen dat als een kleuter voor het eerst overblijft er één van de ouders bij dient te zijn. Het overblijven is dan minder bedreigend voor het kind en de ouders zien hoe het toegaat bij het overblijven.
  • Een logboek instellen waarin de overblijfkrachten incidenten op kunnen schrijven. Je zou in zo'n logboek op de linkerpagina positieve dingen kunnen schrijven en op de rechterpagina negatieve.

Tot zover  het verslag van het eerste gedeelte  van deze cursusbijeenkomst

Een  ouder van de ouderraad.

TERUG


Verslag overblijfoverleg met de overblijfouders van de basisschool De Achthoek op 16 oktober 2000

Aanwezig: 25 overblijfouders en de heer van Veen.

De heer van Veen gaat in op vragen en opmerkingen uit de groep.

Problemen

Wanneer er problemen zijn, bijvoorbeeld een brutaal of moeilijk kind, neem dat dan op met de leerkracht. Deze kan de leerling daar op aanspreken. Vraag ook aan de leerkracht wat hij/zij er mee gedaan heeft op een later tijdstip. Heb je het idee dat er niets mee gedaan wordt, hoewel het het wel al vaker hebt aangegeven bij de leerkracht, ga dan naar je coördinator of Danielle. Zij kan ook overleggen met de leraar of bijvoorbeeld in een teamoverleg van de leraren ook aandacht voor bepaalde zaken vragen. De leerkrachten zullen soms ook strakkere regels moeten hanteren, want de overblijf is maar een uurtje en daarin kan de overblijfkracht natuurlijk niet alles corrigeren.

Wanneer een leraar de kinderen vlak voor de overblijf heel druk maakt, of tijdens de overblijf op een storende manier in de klas blijft, bespreek dit dan ook met de leerkracht. Kom je er met hem/haar niet uit, bespreek het dan met je coördinator en/of Daniëlle. De leerkracht moet de klas wel loslaten en heeft bovendien ook zijn/haar pauze nodig.

JE BENT NIET MAAR EEN OVERBLIJFKRACHT, maar je bent DE overblijfkracht, die de kinderen een veilig en gezellig uurtje biedt waarin ze rustig kunnen eten en drinken en lekker spelen.

TIP:Vraag de leerkracht per dag een paar minuten te investeren bijvoorbeeld bij de "overdracht" bij het begin en einde van de overblijf. Wanneer de overblijf onrustig is, krijgt de leerkracht ook een onrustige klas terug.

Regels

Probeer zo veel mogelijk 1 regel te hanteren, schipperen mag wel, maar besef, dat wat je in jouw groep toestaat, dat andere groepen dat ook zien en dan ook de regels willen bijstellen. Tijdens de overblijf is de overblijfkracht verantwoordelijk.

De regel is dat de hele groep tegelijk naar buiten gaat. Wanneer een kind niet lekker is geeft de leerkracht dit door aan jou/jullie.

Omdat het plein bij de dependance hellend is en skeelen en steppen dus gevaarlijk mag dat niet. Bovendien mag dit ook niet tijdens de overblijf op de pleinen bij het hoofdgebouw. Wat de leraren tijdens het speelkwartier doen, is hun verantwoordelijkheid. Tijdens de overblijf ben je als overblijfkracht verantwoordelijk.

Snoep mag niet, maar Ligakoeken, Kapitein Koek e.d. worden niet als snoepen gezien, maar als verantwoord tussendoortje en mogen dus wel.

In de rode mappen zitten onder meer de regels, dus lees die nog eens door.

TIP: Het is makkelijker wanneer iedereen dezelfde lijn trekt, om de regels te hanteren. Anders wordt het erg onoverzichtelijk.

Werkzaamheden tijdens overblijf

Iedere groep heeft een vaste rooster met eten/drinken, binnen en buiten spelen. Het is prettig wanneer de tafels schoongemaakt worden en de vloer geveegd. Maar wanneer je daar niet toe komt, omdat je bijvoorbeeld alleen staat, dan is zorg/interesse voor de kinderen belangrijker dan schoonmaken.

Buiten spelen

Er is geen vaste zandbak bij de dependance buiten maar er kan wel een zandtafel naar buiten, om lekker met het zand te spelen. .

Er mag buiten niet geskeeld of gestept worden tijdens de overblijf. Omdat de speelplaats bij de dependance hellend is, is het daar extra gevaarlijk. Wat de leerkrachten tijdens het speelkwartier toestaan is hun verantwoordelijkheid; tijdens de overblijf ben je als overblijfkracht verantwoordelijk!

Nieuwe overblijfkrachten

Omdat we een kwalitatief goede overblijf willen is er budget voor 2 krachten per groep. Het liefste willen we natuurlijk 1 overblijfkracht op 13?15 kinderen. Alleen is het erg moeilijk om overblijfkrachten te vinden.

Voorheen werd er geworven in bijvoorbeeld de nieuwsbrief. Het is effectiever om ouders direct aan te spreken. Daniëlle probeert dit middels een schrijven per groep, maar wanneer je ouders spreekt, geef dan ook aan dat de groep nog een overblijfkracht kan gebruiken en dat ze zich desnoods als invalkracht kunnen opgeven. Ariadne zal op de PABO ook een briefje ophangen.

Algemeen

De ouders die geen kinderen op .school hebben willen natuurlijk wel graag geinformeerd worden. Wanneer de jaarkalender klaar is zal iedereen er een krijgen. Ook nieuwsbrieven e.d. zullen verspreid worden.

Voor de peutergroepen zullen natte doekjes gekocht worden voor bijvoorbeeld diarreebilletjes.

Elke leerkracht heeft een kleine EHBO-doos met pleisters op de groep. Uitgebreide EHBO spullen zijn bijvoorbeeld bij Vicky verkrijgbaar. Een EHBO cursus voor alle overblijfkrachten staat (nog) niet in de planning.

Wanneer je je moet afmelden voor de overblijf, doe dit dan 's morgens bij Danielle of regel het met je directe collega. Bij de dependance is Marja contactpersoon hiervoor.

Data

Op 11 december is er een overleg met de heer van Veen voor de overblijfkrachten in de onderbouw.

De overblijfcommissie

TERUG


Informatie-avond over overblijven op de basisschool Andreashof te Kwintsheul op 6 maart 2000

De avond werd geleid door Ed van Veen.

 

Overblijven is vrijwilligerswerk

Per dag blijven hier op school gemiddeld circa 30 kinderen over, terwijl dit vijf jaar geleden circa 4 per dag waren..

De school moeten gelegenheid geven tot overblijven.

Overblijfouders moeten de beginselen bijgebracht worden. Bijvoorbeeld wat te doen bij pesten, schuttingtaal, onoirbaar gedrag, brutale mond. Wanneer moet er een leerkracht bijgeroepen worden?

Algemeen:

De verantwoordelijkheid ligt bij de overblijfgroep. De juridische verantwoordelijkheid ligt bij de school. Uitvoering wordt in handen gegeven van de ouders. Bij ons blijven de kinderen over in de aula. Bij een groter aantal kinderen moet er gesplitst worden naar leeftijd en moeten er, in overleg, meerdere lokalen worden gebruikt. Nu hebben oudere kinderen een voorbeeldfunctie voor de kleuters.

Taak overblijfkracht:

o.a. assistentie bij het eten, aai over de bol, ruzies oplossen, aandacht geven, toezicht bij buiten/binnen spelen, lokaal of aula netjes achterlaten. Er moet altijd een beroep kunnen worden gedaan op een leerkracht. Er moet een reglement zijn, waar afspraken over eten,snoep en speelgoed geregeld zijn

De medezeggenschapsraad moet toestemming geven om de overblijfbijdrage eventueel te verhogen.

Aankoop van speelgoed en vergoeding vrijwilligers worden bekostigd uit de bijdrage van f 2,50, hetgeen volgens de landelijke richtlijnen spotgoedkoop is. Contact met directie een leerkrachten is goed. Over gedragsproblemen moet de leerkracht van het betreffende kind worden aangesproken. Wanneer kinderen speelgoed meenemen is dit voor eigen risico. Er zijn geen regels voor snoepgoed. Bij een te grote hoeveelheid snoepgoed moet ook dit gemeld worden aan de leerkracht. De overblijfouders dienen de regels van de school te gebruiken en niet de regels van het kind thuis. Deze regels staan afgedrukt in de schoolgids. De ouders van overblijvers mogen door de overblijfouders nooit direct aangesproken worden over het gedrag van hun kinderen. Laat dit aan de leerkracht over. De overblijfouders moeten wel op een lijn zitten wat betreft de afspraken en regels voor de kinderen. Dit is een overlegitem met directie en team. Het team moet ondersteuning bieden bij normen en waarden.

Bij slecht weer wordt er binnen gespeeld of geknutseld. In andere gevallen gaan alle kinderen, onder toezicht, naar buiten , nadat alles opgeruimd is.

Schorsing wegens wangedrag van kinderen kan alleen door de directie gedaan worden.De directie licht ook de ouders van het betrokken kind in. Belangrijk is in hoeverre moeilijke kinderen de groep storen of asociaal gedrag vertonen. Overblijfouders moeten dan corrigerend optreden.

Veiligheid op alle fronten staat voorop.

 

SAMENVATTEND:

  • Regels bij overblijf zijn de regels van de school
  • Ondersteuning van het team; er moet afgesproken worden wanneer ingrijpen van een leerkracht noodzakelijk is.
  • Coördinator overblijf zou dit alles eens op een teamvergadering moeten kunnen toelichten.
  • Nieuwe overblijfouders moeten enige dagen "op proef" meedraaien en moeten de gelegenheid krijgen er ook van af te zien.
  • De overblijfgroep moet geregeld bij elkaar komen en uniforme regels afspreken en regelmatig evalueren.
  • Kinderen moeten zich veilig voelen. Ook speelgoed en -materiaal moet veilig zijn.
  • Alles wat onveilig is, zowel binnen als buiten, direct melden bij de directie, zodat de overblijfouders gedekt zijn bij ongevallen.
  • Goede hygiëne.
  • Voorbeeldfunctie van de overblijfouders is erg belangrijk: taalgebruik, wat en hoe spreek je tegen kinderen.
  • Tegen pestgedrag moet direct opgetreden worden en moet gemeld worden bij de leerkracht.
  • Ouders moeten weten dat er een logboek is, waarin problemen met hun kinderen mogelijk genoteerd worden. Let op de privacy.

Een ouder van de school.

 

 

TERUG


Verslag bijeenkomst ouderraden en coordinatoren voor het overblijven van zeven basisscholen in de Veenplas over het overblijven op 11 oktober 1999

Aanwezig zijn: De Springschans, de Tweemaster, de Vosseschans, de St.Nicolaasschool, De Kleine Wereld, de Kinderarcke en de Robert Kennedyschool
De bijeenkomst staat o.l.v. Ed van Veen

Van de kinderopvangmogelijkheden voor 4-12 jarigen wordt de voor- en naschoolse opvang nu meestal buiten school door een aparte stichting georganiseerd. Alleen het overblijven is een activiteit die op school plaatsvindt, meestal begeleidt door goedwillende ouders. Nadeel van deze situatie is dat leken op het gebied van groepsprocessen, conflict beheersing enz. vaak onder slechte omstandigheden, veel te grote groepen moeten begeleiden. Zeker als er nog meer werkende ouders zullen komen, zou er weleens een tendens kunnen komen naar het integreren van alle vormen van opvang onder professionele begeleiding op school. Ook kan er dan gedacht worden aan het draaien van continue- roosters. Dit zou voor de leerkrachten een aanzienlijke taakverzwaring betekenen. Voorlopig is het nog niet zover en wordt er nog gewerkt met overblijf-ouders.

Wat verdient een overblijf-ouder? Een rondje onder de aanwezige scholen leert dat die varieert tussen f15,-- en f25,-- per overblijfbeurt. Op zich is dit niet veel, maar hierbij speelt ook mee, dat men onder de belastinggrens van f 1700,-- wil blijven, zodat zowel de oudervereniging als de betreffende ouder geen belasting over dit bedrag hoeft te betalen.

De heer van Veen adviseert dan ook om ouders maximaal 2 dagen in de week als overblijfouder werkzaam te laten zijn, zodat er bij 40 schoolweken en ongeveer f 17,50 per dag de grens niet overschreden wordt. Verder moet ervoor gezorgd worden, dat er geen contract is en is het verstandig om de overblijf-activiteit los te koppelen van de ouderraad en in handen te geven van een overblijfgroep. De school is verplicht is een overblijf mogelijkheid aan te bieden. De verantwoordelijkheid voor het overblijven ligt dan ook juridisch bij het schoolbestuur en de uitvoering bij de ouders en ouderraad.

Hoeveel kinderen blijven er nu per dag over? Dit varieert bij de aanwezige scholen tussen de 15% en 25% van het totaal aantal leerlingen. Hoeveel overblijf-ouders zijn hierbij dan

aanwezig en in hoeveel groepen worden de leerlingen verdeeld?. Over het algemeen worden er zo 2 tot 3 ouders ingezet per 30-- 40 kinderen. In de meeste gevallen worden er 2 groepen gemaakt een onder- en een bovenbouw groep. Waar dit enigszins mogelijk is worden deze groepen in aparte ruimtes geplaatst, maar ook gebeurt het, dat door ruimte gebrek alle groepen in de hal zitten. De ideale situatie zou 1 ouder op 15 kinderen zijn. Belangrijker is echter dat er leeftijdsafhankelijke groepen gevormd worden. Zet je alle leeftijden bij elkaar, dan ‘leren’ de jongsten snel van de oudsten en dan niet alleen in positieve zin. In leeftijdsafhankeljke groepen komt de overblijfouder ook veel meer aan het begeleiden i.p.v. het oppassen toe. Ga je hier toe over, dan moet daarvoor wel veel meer gebruik worden gemaakt van de klaslokalen. Het onderwijzend personeel stelt dit meestal niet erg op prijs, daarom moeten er met hen goede afspraken gemaakt worden.

Belangrijke punten t.a.v. het overblijven zijn verder:

  • ouders moeten op de hoogte zijn van de regels, die m.b.t. het overblijven gelden
  • sancties die worden opgelegd moeten ook worden uitgevoerd.
  • alle overblijfouders moeten dezelfde regels toe passen.
  • ouders, die zich als nieuwe overblijfouder aanmelden, moeten eerst een paar keer op proef meedraaien, om goed te kunnen bepalen of ze als overblijfouder kunnen worden ingezet.

Dit laatste ligt gezien het te kort aan overblijfouders op sommige scholen natuurlijk nogal gevoelig, maar het gaat tenslotte niet alleen om de kwantiteit maar vooral om de kwaliteit. Toch zitten de scholen met een steeds grotere groep overblijfkinderen die begeleid moet worden door steeds minder overblijfouders. De vraag wordt dan ook opgeworpen, of hier geen betaalde kracht voor kan worden aangetrokken. Dit kan natuurlijk wel, maar leidt tot veel hogere kosten en vermoedelijk ook een inkomensafhankelijke bijdrage. Veel scholen proberen het aantal overblijvers terug te dringen door de prijs van het overblijven te verhogen tot bijv een rijksdaalder per keer, om zo het aantal ‘pret’-overblijvers terug te dringen. Ook moeten de ouders hun kind telefonisch of schriftelijk op geven voor het overblijven.

Financieel zijn er overigens met een groeiend aantal overblijvers en een verhoogde bijdrage meestal geen problemen. Het is van groot belang om regelmatig een kascontrole te houden en 1 x per jaar de ouders die lid zijn van de oudervereniging inzicht te geven in de financiën. Wat gebeurt er met het geld-overschot. Er zijn scholen, die dit geld proberen op te eisen, maar de heer van Veen wijst er op, dat zonder de instemming van de oudergeleding van de MR er geen overblijfgeld mag worden gebruikt voor andere activiteiten dan overblijven. Het overschot wordt nu vaak gebruikt voor de aanschaf van binnen- en buitenmateriaal voor de overblijfkinderen.

Dit verslag is gemaakt door een van de aanwezige ouders.

TERUG


Kwaliteitseisen bij de tussenschoolse opvang

Workshop gegeven bij de 5e Nationale conferentie tussenschoolse opvang van het IOS( 14 april 2004)

Veiligheid en sfeer bij het overblijven

De volgende aandachtspunten zijn belangrijk voor de overblijfkracht

1. Ontvangst van overblijfkinderen

2. Ruimte

3. Positieve benadering

4. Kind mag zichzelf zijn

5. Voorbeeldgedrag

6. Oogcontact

7. Houding

8. Complimenten geven

9. Actief beleid tegen pesten.

10. Omgaan met conflicten

Communicatie van de overblijfkracht naar het kind .

1. Let op de vraagstelling : vermijd de waarom-vraag.

2. Let op de vraagstelling: "Wil je..... ..? Wees duidelijk.

3. Geef de ik-boodschap

4. Let op het doorbreken van de negatieve spiraal.

Jij hebt er zin in, Kom even gezellig naast me zitten, Fijn dat je er bent

5. Vraag de kinderen naar de beleving van het overblijven , maak een praatje

6.Kinderen mogen elke dag opnieuw beginnen.

7.Positief zijn ten opzichte van kinderen, benoem de dingen die goed gaan.

8.Maak afspraken met kinderen die zich niet goed gedragen. Bespreek mer keer hoe het is gegaan.

9.Spreek het kind aan op wat hij /zij doet. Je doet vervelend en niet je bent vervelend.

10.Vermijd het woord "niet""

Basisvoorwaarden voor het overblijven

1.Samenwerking coordinatoren,overblijfkrachten en leerkrachten.

2.Een overblijfcommissie vormen

3.Een coordinator aanwijzen .

4 Scholing van overblijfkrachten op locatie.

5.Allochtone en autochtone overblijfkrachten samen laten werken in school waar veel allochtone kinderen overblijven

6.Betaling via bank/giro of met strippernkaarten, dus geen geld ophalen tijdens het overblijven.

7.De administratie moet in orde zijn.

8.Een geschikte overblijfruimte creeren.

9 1A4tje met regels voor kinderen en overblijfkrachten.

10. Nooit kinderen uit het oog verliezen, zowel binnen als op de speelplaats..

11. Slecht weerplan in voorraad hebben.

12. Gelijkwaardigheid overblijfkrachten met alle geledingen in de school.

13 PR overblijven regelen.

Petra Schorn en Ed van Veen

TERUG


Een  verslag van een overblijfbijeenkomst op de basisschool de Oosterhoogebrug in Groningen op  maandag 31 maart 2003. (het verslag gaat over de omgang met moeilijke kinderen bij het overblijven) NIEUW

 

 Aanwezig zijn veertien overblijfkrachten van de basisschool de Oosterhoogebrug en  Ed van Veen

en een notuliste.

 

Naar aanleiding van het bezoek van Ed aan een aantal overblijfgroepen op bovengenoemde

datum bespreken we een aantal punten die hem opgevallen zijn.

  • De leerlingen en overblijfmoeders zitten op krukjes, hetgeen niet ideaal is, mede gezien de Arbo eisen.
  • Er zijn veel verschillende activiteiten voor de leerlingen waar zij uit kunnen kiezen, tijdens de overblijf.
  • De regels zijn duidelijk en worden goed gehandhaafd.
  • Ziet er duidelijk beter uit dan twee jaar geleden. Het is allemaal wat verfijnder en het werken met kleinere
    groepen geeft ook meer rust.
  • Bij 30 overblijfleerlingen toch wel minimaal 2 overblijfkrachten inzetten, zeker indien er ook nog door sommige overblijfmoeders  de lijsten  van overblijfkinderen gecontroleerd moet worden..
  • Ed heeft zo links en rechts bij leerlingen geïnformeerd, en men was over het algemeen zeer positief over de overblijf.
  • Het wachten duurt niet te lang, organisatie loopt goed
  • De aanspreektoon van de overblijfkrachten is goed evenals de sfeer tijdens het overblijven.
  • Opvallend is de beschikbare ruimte buiten. Deze is namelijk .meer dan dat hij op andere scholen tegenkomt.
  Kortom, Ed zou onze school aanwijzen als een school waar de overblijf goed georganiseerd is.

 Als thema is vandaag gekozen voor "Omgaan met moeilijke kinderen".

 Dit mede naar aanleiding van een leerling die onlangs is weggelopen tijdens de overblijf, naar aanleiding van een ruzie. In dit specifieke geval zijn er twee overblijfmoeders op de fiets de leerling gaan zoeken, nadat er melding gemaakt is bij school. Leerling bleek niet te vinden en school had inmiddels moeder gebeld.

 Ed stelt duidelijk dat de school in dit geval verantwoordelijk is voor deze leerling en dat eigenlijk  het team en de directie in deze stappen hadden moeten ondernemen. Overblijfmoeders zijn er  voor de overblijfkinderen en niet voor diegene die hun heil elders zoeken. Belangrijk is dat de school ook juridisch aansprakelijk zal worden gesteld, indien er iets met deze leerlingen zou zijn gebeurd.

 Nog een probleem dat ter tafel komt is, "Wat doen we met leerlingen die veel te vroeg op school komen, nadat zij thuis zijn geweest om al dan niet te lunchen?"  Ed adviseert om steeds de tijden te blijven herhalen in Nieuwsbrieven en publicaties, en ouders er op aan te spreken wanneer het blijft gebeuren. Eens in de zoveel tijd eens gaan turven wie er te vroeg komen (hetgeen veelal dezelfde leerlingen betreft) en ouders bellen. De overblijf wordt door deze leerlingen nl.gestoord en wanneer je niets doet, wordt het steeds erger.

 MOEILIJKE LEERLINGEN:

 Ieder krijgt de gelegenheid om na te gaan of er "moeilijke" leerlingen bij haar groep zitten en hoe zij ermee omgaan.

 Overblijfkracht: Groep 5 is druk en soms heeft ze het idee dat ze machteloos is. Wat haar een beetje dwars zit, is dat er weliswaar regelmatig een leerkracht bij aanwezig is van deze groep, maar dat deze niet ingrijpt of reageert. Geadviseerd wordt‑ dit eens met de leerkracht te bespreken.

 Overblijfkracht: Heeft wat drukkere leerlingen in groep 1 en 2, maar kent de achtergronden en de thuissituatie, waardoor het ermee omgaan makkelijker wordt, daar je daar rekening mee kunt houden.

 Overblijfkracht: Groep 8, geen problemen.

 Overblijfkracht: Groep 7 is een rustige groep. Er wordt beschaafd opgetreden. Is vanaf het begin meteen duidelijk geweest en dat werpt nu zijn vruchten af.

 Overblijfkracht: Groep 3, en zij heeft hierbij het probleem dat ze maar moeilijk blijven zitten. Dit is een algemeen probleem van groep 3, die uit de kleutersituatie komen en nu dus in verhouding minder bewegen en dit toch wel missen. Er wordt op sommige scholen soms gekozen om eerst te gaan spelen, maar men is daar bij ons niet voor.

 Overblijfkracht: Groep 4 en hierbij geldt ook dat er een aantal drukkere kinderen zijn, waarvan zij de achtergrond kent of weet en daardoor wat meer begrijpt van het gedrag. Er is één leerling met ADHD in deze groep. Deze informatie komt van de ouders, maar ook de leerlingen schromen niet hun "afwijkingen" of "stoornissen"openlijk tentoon te spreiden door met bv.hun pilletjes te provoceren. Informatie die van ouders of leerkracht komt, wordt vanzelfsprekend vertrouwelijk behandeld.

Problemen met gedrag van kinderen is niet iets watje zelden tegenkomt, maar van de 20 leerlingen heb je er altijd wel een paar die moelijk gedrag vertonen. Kijk dan zelf vooral ook eens naar wat er wel goed gaat. Op je eigen groep, maar ook naar wat er goed gaat bij deze kinderen.

Je hebt eigenlijk pas een probleem, wanneer je constateert dat de helft niet luistert naar wat je vertelt of wat je wilt.

Op de vraag of de leerlingen onderling goed met elkaar kunnen spelen, wordt instemmend geknikt. Veelal spelen lagere groepen niet met hogere groepen en omgekeerd, maar dat heeft natuurlijk ook met hiërarchie te maken. In groep 8 ben je eigenlijk al van school en bemoei je je derhalve minder met leerlingen uit lagere groepen.

 Storend gedrag, zoals bv.eindeloos klikken, moet met de leerkracht van de groep worden  besproken. Informeer eens, zonder er een oordeel over te hebben, of dat bepaalde storende gedrag  ook bij hen op de groep voorkomt. Je kunt het probleem dan namelijk gezamenlijk aanpakken en  weet je dat het niet jouw invloeden zijn die het probleem veroorzaken. Met agressie valt het op deze school over het algemeen mee. Vaak zijn de "gevechten" die plaatsvinden, de zogenaamde nepvechtpartijtjes. Dit nepvechten wordt door de overblijfmoeders niet getolereerd, want van lachen komt.... (inderdaad) huilen.

 Om gedrag van leerlingen te veranderen heb je een aantal methodes. We bespreken een aantal kort.

  •  Gorden methode, ook wel de Ik ‑ boodschap      Confronteer elkaar met het gedrag en maak het bespreekbaar. Belangrijk is dat je de emotionele fase voorbij bent.
  • Stop methode. Zaken die je niet tolereert, houd hierbij de schoolregels aan, een halt toeroepen, zonder hierbij in discussie te gaan.
  • Beschrijven eigen gedrag. Laat leerlingen eens opschrijven wat ze nu precies gedaan hebben en waarom dat niet gewaardeerd wordt. Laat ze hierbij niet de reacties van andere leerlingen vergeten mee te delen.
  • Ook kun je je eigen gedrag eens kritisch bekijken en noteren wat je gedaan hebt om bepaald gedrag te veranderen. Ook hier weer noteren hoe er gereageerd werd om zo te komen tot de beste oplossing van het probleem. Kijk hiervoor ook kritisch naar elkaar.
  • Hieruit valt natuurlijk veel te leren. Informeer elkaar ook, indien je een bepaalde methode hebt toegepast die ineens het Ei van Columbus bleek te zijn..

Kort bespreken we het A4‑tje over regels en grenzen. Belangrijkste conclusie hieruit is: Nee = Nee, maar de manier waarop dit wordt gezegd,c.q.uitgelegd is van wezenlijk belang. Probeer dus wanneer je een regel toepast, ook het waarom van deze regel erbij te vertellen. Een regel is er namelijkl niet vanwege de regel, maar deze heeft enig belang. Pas dan zal hij ook kunnen worden toegepast. We houden één lijn aan.

 Volgende bijeenkomst: dinsdag 2 September. Observatie van de overblijf en bespreken van ervaringen. Met name ook voor de nieuwe overblijfmoeders.

 Nog een algemene opmerking: ‑De communicatie onderling is verbeterd. Een ieder stemt hiermee in. Dat versterkt de onderlinge band en komt de overblijf ten goede.

Na de rondvraag ( geen vragen) danken we Ed van Veen voor zijn inbreng .

Dank voor jullie aanwezigheid en inbreng.

De notuliste

TERUG


Wat wordt er verwacht van een coördinator in de tussenschoolse opvang?

Verslag 3e conferentie TSO 2002(april 2002)

WORKSHOP

Ed van Veen en Petra Schorn:

 

De aandachtspunten van een coördinator op een school:

  • Ruimte.
  • Materialen.
  • Pedagogisch klimaat:
    • Voorbeeld gedrag
    • Regels

Regels:

  • De waarden en normen moeten goed duidelijk worden gemaakt aan de kinderen.
  • Regels en grenzen geven zekerheid, veiligheid en structuur.

Het voordeel van regels is:
Het maakt het samenleven eenvoudiger, de omgang met elkaar is makkelijker; de kinderen en ouders weten waar ze aan toe zijn.

Hoe kinderen grenzen zoeken en vinden:

  • Grensoverschrijding door toegeeflijkheid: als de overblijfkrachten vaak bijvoorbeeld eerst zeggen dat iets niet mag, dan moeten ze het ook niet toe laten als het kind door blijft zeuren.
  • Grensoverschrijding door macht uit proberen.
  • Grensoverschrijding door zinloze woordenvloed: als de overblijfkracht bijvoorbeeld heel vaak dreigt om de directeur erbij te halen dan moet dat ook wel een keer gebeuren, anders geloven kinderen er niet meer in.
  • Grensoverschrijding door: alle anderen mogen wel. Alle overblijfkrachten moeten dezelfde regels toepassen, dus niet dat 1 groep wel direct naar buiten mag als ze het eten op hebben en een andere groep niet. Kinderen begrijpen de regels dan niet meer en ze zullen proberen om ook direct naar buiten te mogen.
  • Grensoverschrijding als provocatie.
  • Grensoverschrijding en vraag naar het waarom: als kinderen vragen naar het waarom dan is dat een teken dat je met kinderen kunt praten en kinderen dingen uit kunt leggen waarom iets wel en niet mag.

De coördinator van een school moet de ouders ook informeren over de regels tijdens de TSO. Ouders kunnen kinderen dan aanspreken op het gedrag van hun kind tijdens de TSO.

Goede regels moeten de volgende eisen hebben:

  • Regels moeten een functie hebben.
  • Volwassenen moeten de regels ook respecteren; zij moeten zich dus óók aan de regels houden.
  • De regels moeten eenvoudig zijn en makkelijk te onthouden.
  • Over de regels moet overleg mogelijk zijn.

Er waren ook een aantal coördinatoren aanwezig, zij kwamen de volgende knelpunten tegen op school:

  • Te weinig overblijfkrachten
  • Geen goede locatie
  • Te weinig ruimte
  • Geen professionele overblijfkracht aanwezig.

Er werd tijdens deze workshop ook gesproken over kwaliteitseisen  bij de tussenschoolse opvang.

Er werd een praktisch voorbeeld hierover uitgedeeld aan de aanwezigen n.l.kwaliteit van de overblijfvoorziening

(Zie verder deze website het hoofdmenu no:4 onder het onderdeel: aandachtspunten)


 

 

 

 



Stuur uw mail naar: e.c.vanveen@chello.nl | Laatst bijgewerkt: 1augustus 2015| Website created by: (c) 2000-2015 C.J. van Veen te Amsterdam